Sceatta,”Continentaal Runentype”: ca. 695 – 710

Gevonden door Tom Devos

Muntheer: Friese oorsprong

Materiaal: zilver

Diameter: 11 mm

Gewicht: 1,1 gr

Voorzijde: Een gestileerd hoofd met diadeem en met piekenkroon naar rechts, links van het hoofd een platliggende “A”?. Deze sceatta is gemaakt naar een iets ouder Angelsaksisch voorbeeld en op het vasteland veelvuldig nagevolgd in het Friese en waarschijnlijk ook het Frankische gebied. Om deze redenen worden deze navolgingen het Continentaal Runen-type genoemd.

Keerzijde: Centraal een kruis met in elk kwartier een bolletje eromheen een verbasterd “runen”omschrift.

Datum: z.j. ca. 695-710

Slagplaats: Gebied tussen de grote rivieren. 

Lit: JNGMP 2003, W op den Velde & D M Metcalf & BMC series D type 2c Remmerden 712/713

Gedetermineerd door rimidi

Gent: Halve zilveren leeuw, groot ca. 1369 – 1370 (tweede emissie)

Gevonden door Erik Natte

Muntheer: Lodewijk van Male, graaf van Vlaanderen, 1346 – 1384.

Materiaal: zilver

Diameter: ?; ca. 26 mm

Gewicht: ?; ca. 2,0 gr

Voorzijde: In een veelpas een naar links zittende leeuw met toernooihelm, de helm is getooid met een gevleugelde leeuwenkop die de veelpas doorbreekt en het begin van het omschrift aanduidt. Tekst: LVDOVIC’ : DEI : GRA : COm’ : Z : D’ : FLAnDRIE; interpunctie door drie boven elkaar geplaatste punten. Lodewijk, door gratie Gods, graaf en Hertog van Vlaanderen.

Keerzijde: Lang gevoet kruis dat beide omschriftbanen onderbreekt. Tekst binnenbaan: mOn / ETA / FLA / DRIE; Munt van Vlaanderen. Tekst buitenbaan: ✠ BEИED / ICT’ : Q : VE / ИIT : I : ИO / mIИE : DI’,  interpunctie door drie boven elkaar geplaatste punten; Gezegend hij die gekomen is in de naam van de Heer.

Datum: z.j. ca. 1369-1370 (tweede emissie)

Slagplaats: Gent

filip b2.2-800

Lodewijk van Male

Lit: Gaillard 227; De Mey Vlaanderen 223: Martiny 45-2; Vanhoudt atlas G 2611

Gedetermineerd door rimidi

Brugge: Vier mijten ca. 1490 – 1492

Gevonden door Tom Devos

Muntheer: Philips de Schone, minderjarig, 1482-1492.

Materiaal: biljoen 0,159 / 1000

Diameter: 18 mm

Gewicht: 0,7 gr

Voorzijde: In het veld het gekroond wapenschild van het Heilig Roomse Rijk. Tekst tussen parelcirkels: lelie mAXIm REX ROmA PATER, interpunctie klaverblad.

Keerzijde: Het wapen van Vlaanderen gelegen op een lang gevoet kruis het omschrift onderbrekend. Tekst tussen parelcirkels: PhI */ ARC */ AV*BG / CO*F, interpunctie klaverblad.

Datum: z.j. ca. 1490-1492

Slagplaats: Brugge

Filips de Schone

Lit: Vanhoudt atlas H 187; Vanhoudt new 115.Brugge; van Gelder Hoc 91-5.

Gedetermineerd door Arjan Wagemakers en rimidi

Postulaatgulden: ca. 1485 – 1505

Gevonden door Serge Boelhouwers

Muntheer: Jan van Hoorn, prinsbisschop van Luik, 1485-1505

Materiaal: goud

Diameter: ?; ca. 23 mm

Goud: ?; uitgifte: 2,4 gr

Voorzijde: Wapenschild van Jan van Hoorn in een dubbelde driepas in parelcirkel. Tekst: ✠ IOhS*DE*HORn*EPS*LEODIE’; ✠ IOH[anne]S DE HORN[es] EP[iscopv]S LEODIE[nsis]; Jan van Hoorn, bisschop van Luik.

Keerzijde: Sint-Lambertus in een parelrand met mijter en voeten het omschrift doorbrekend. Tekst: ** / SANCTVS / LAMBERTV’.

Datum: z.j. ca. 1485-1505

Slagplaats: Luik ?

tom de-800

Johan van Horne

Referentie

Lit: Dengis 768; Vanhoudt G 1080

Gedetermineerd door rimidi

 

Sceatta,”Continentaal Runentype”: ca. 695 – 710

Gevonden door Manja Manja

manja1.1 manja1

Muntheer: Friese oorsprong

Materiaal: zilver

Diameter: 12 mm

Gewicht: 1,05 gr

Voorzijde: Een gestileerd hoofd met diadeem ( en met stralenkroon ?) naar rechts, links van het hoofd een platliggende “A”?. Deze sceatta is gemaakt naar een iets ouder Angelsaksisch voorbeeld en op het vasteland veelvuldig nagevolgd in het Friese en waarschijnlijk ook het Frankische gebied. Om deze redenen worden deze navolgingen het continentaal runen-type genoemd.

Keerzijde: Centraal een kruis met in elk kwartier een bolletje erom heen een verbasterd “runen”omschrift.

Datum: z.j. ca. 695-710

Slagplaats: Gebied tussen de grote rivieren.

manja-800

Lit: JNGMP 2003, W op den Velde & D M Metcalf & BMC series D type 2c/2f Domburg 474/475

Gedetermineerd door rimidi

Sceatta, “Continentaal Runentype”: ca. 695 – 710

Gevonden door Mark Volleberg

mark v1.1 mark v1

Muntheer: Friese oorsprong

Materiaal: zilver

Diameter: ?

Gewicht: ?

Voorzijde: Een gestileerd hoofd met stralenkroon naar rechts en een “omschrift” van runen-tekens; voor het gezicht in (verbasterde) runen een naam TÆPA, ÆPA, APÆ of EPA. Deze sceatta is gemaakt naar een iets ouder Angelsaksisch voorbeeld en op het vasteland veelvuldig nagevolgd in het Friese en waarschijnlijk ook het Frankische gebied. Om deze redenen worden deze navolgingen het continentaal runen-type genoemd.

Keerzijde: Centraal een kruis met in elk kwartier een bolletje erom heen een verbasterd omschrift.

Datum: z.j. ca. 695-710

Slagplaats: Gebied tussen de grote rivieren.

mark v1.2

Lit: W op den Velde & D M Metcalf & BMC series D type 2c/1b; Spink 839var;

Gedetermineerd door Mark Volleberg en rimidi

Tremissis: ca. 630 – 675

Gevonden door Bart Verhelst

bart v1.1 bart v1

Muntheer: Onbekende Merovingische vorst

Materiaal: goud

Diameter: 14 mm

Gewicht: 1,27 gr

Voorzijde: In een parelcirkel een buste met diadeem naar rechts, onder de buste twee parels.  Tekst beginnend op ca. 7 uur: CHOT F(i)T, gemaakt te Hoei.

Keerzijde: In een parelcirkel een kruis op een trapeziumvormige voet met open basis en waarin een bol. Tekst beginnende op ca. 8 uur: BERTOAL.

Monetarius: Bertoaldus.

Datum: z.j. ca. 630 – 675

Slagplaats: Hoei. (CHOAE)

Opmerking: In januari 2016 een totaal van 26 variante exemplaren gekend (Arent Pol)

bart

Lit: variant van H Vanhoudt RBN 1982″ De merovingische munten in het penningkabinet…” nr 50var; Depeyrot Type 20-4Avar; Belfort 6131var

Gedetermineerd door rimidi

Tremissis: 2e helft 6e eeuw ( ca. 550 – 600 ? )

Gevonden door Carla van Duinen

carla2.1-800 carla2-800

Categorie: Merovingische periode: pseudo-imperiaal type = eerste fase (ca. 500-580/600)

Muntheer: onbekend, vermoedelijk (Franco-) Friezen in Centraal en Noord-Nederland

Materiaal: goud

Diameter: 15 mm

Gewicht: 1,41 gr

Voorzijde: Borstbeeld naar rechts (anoniem, geïnspireerd op Byzantijns voorbeeld met keizersportret); pseudo-omschrift (zinloze herhaling van lettertekens V, T en N afgewisseld door een minuscuul kransje) waarin titulatuur en naam van de keizer niet langer herkenbaar zijn.

Keerzijde: Aanziende Victoria-figuur met kransje en kruisje, in het veld een ster; pseudo-omschrift (zinloze herhaling van lettertekens V, T en O afgewisseld door een minuscuul kransje), in de afsnede vormen “o+o” of eventueel “Vo+oV” nog slechts een flauwe afspiegeling van de aanduiding CONOB op het voorbeeld.

Datum: 2e helft 6e eeuw (ca 550-600 ?)

Slagplaats: Onbekend, vermoedelijk in Centraal- en Noord-Nederland

carla

Lit: Belfort 5385 – 5386var; MEC. Grierson/Blackburn 373 – 375; van der Chijs Fr Pl I, tek 5

Gedetermineerd door A. Pol en rimidi

Tremissis: ca. 650 – 675

Gevonden door Jarne Lowie

jarne1 jarne1.1

Muntheer: Merovingische stam uit de omgeving Limoges, Haute-Vienne, Frankrijk?

Materiaal: Electrum, zeer laag goudgehalte

Diameter: 11 mm

Gewicht: 0,97 gr

Voorzijde: Borstbeeld met diadeem naar rechts. Tekst beginnend op 7 uur: ✠ LEMODECAS, D kan een V zijn A staat op zijn kop en S is spiegelverkeerd.

Keerzijde: Een ankerkruis geplaatst op een kleine aardbol, in de kwartieren een parel. Tekst beginnende op 6 uur: MODERATVS M, de naam van de monetarius.

Datum: z.j. ca. 650 – 675

Monetarius: Moderato

Slagplaats: Omgeving Limoges, verbastering van LEMOVECAS => LEMODECAS ?.

Opmerkingen A. Pol : De monetariusnaam Moderatus / Moderato komt voor in de muntplaatsen Breuilaufa en Blond die beide in de civitas Lemovicum liggen, wellicht samen met een ongeïdentificeerde plaats “Bolbeam”, en daarnaast alleen een enkele keer in de wijdere omgeving teweten één keer in Brioude + één keer in Tours en (misschien) één keer in Bourges + één keer in Bordeaux. Limoges zelf is daar dus niet bij, en gezien de (lichte) verbastering van de voorzijde is toeschrijving van dit muntje aan dat atelier misschien niet helemaal terecht.

Lit: niet gevonden

Gedetermineerd door rimidi

Tremissis: ca. 620 – 640

Gevonden door Sjoerd Hoogenkamp

Muntheer: Anoniem, Merovingers uit de streek van Lozère, Javols, Frankrijk.

Materiaal: goud

Diameter: 12 mm

Gewicht: 1,28 gr

Voorzijde: Buste met diadeem naar rechts, bovenaan het diadeem drie parels, evenals drie parels aan de knoop onderaan het diadeem.  De kraag van het kledingstuk heeft ook parels. Tekst linksom vanaf ca. 5 uur: GAVON 

Keerzijde: Tussen twee parels een kelk met twee handvatten getopt met een kruis. In de kwartieren alzo gevormd, drie parels in driehoek geplaatst (niet te zien) V – A – V. 

Datum: z.j. ca 620 – 640 n. Chr.

Slagplaats: Gavalorum, Javols

sjoerd

Lit: Belfort 645; Depeyrot Type 12-2D

Gedetermineerd door rimidi