Gouden stater: 60 – 50 v.Chr.

Gevonden door Robin Verbeek

Materiaal: goud

Diameter: ?; ca. 15 mm

Gewicht: ?; ca. 5,4 gr

Voorzijde: Restanten van gestileerd hoofd naar rechts, parels in het veld.

Keerzijde: Gestileerd paard naar rechts. Boven het paard een wiel met spaken, aan de buik twee gekromde lijnen eindigend op een parel.

Datum: ca. 60-50 v.Chr.

Slagplaats: De streek van Belgisch en Frans Henegouwen

Nerviërs

Lit: Vergelijk Delestrée et Tache 179var2; Scheers 29 classe III

Gedetermineerd door rimidi

Tetradrachme naar het voorbeeld van de imitatie van de Macedonische tetradrachme au triskèle van Philippus II en zijn opvolgers door de Donaukelten: 2e eeuw – 1ste eeuw v.Chr.

Gevonden door Jack Gielen

Muntheer: Afstammelingen van de Donaukelten?

Materiaal: zilver

Diameter: 25 mm

Gewicht: 14 gr

Voorzijde: Gestileerd gelauwerd en bebaard hoofd van Zeus (?) naar rechts.

Keerzijde: Gestileerde ruiter op zijn paard rechts; voor het paard, het getal V; tussen de voorpoten de letter Pi; onder het paard een triskele.

Datum: z.j. ca. 2e eeuw – 1ste eeuw v.Chr.

Slagplaats: Pannonië, streek tussen de Alpen en de Donau.

Gedetermineerd door rimidi

jack3-800

jack2-800

Nederrijnse regenboogschotel, Triquetrum type  van de Lith-groep: ca. 50 – 15 v.Chr.

Gevonden door Theun Oostenbrug

Muntheer: Volk van de Batavi

Materiaal: zilver 40 à 55%

Diameter: 17 mm

Gewicht: 4,61 gr

Voorzijde: Triquetrum/Triskele binnen een lauwerkransvormige torque.

Keerzijde: Een piramidale configuratie van 5 puntcirkels en 3 dubbele cirkels binnen een zigzagpatroon.

Bataven

Lit: Roymans en W. van der Sanden, Celtic coins from the Netherlands and their archaeological context, Berichten van de Rijksdienst voor het oudheidkundig bodemonderzoek, 30 (1980), 204-214.

Gedetermineerd door rimidi

Nederrijnse regenboogschotel, Triquetrum type  van de Lith-groep: ca. 50 – 15 v.Chr.

Gevonden door Theun Oostenbrug

Muntheer: Volk van de Batavi

Materiaal: zilver 40 à 55%

Diameter: 17 mm

Gewicht: 4,61 gr

Voorzijde: Triquetrum/Triskele binnen een lauwerkransvormige torque.

Keerzijde: Een piramidale configuratie van 5 puntcirkels en 3 dubbele cirkels binnen een zigzagpatroon.

Bataven

Lit: Roymans en W. van der Sanden, Celtic coins from the Netherlands and their archaeological context, Berichten van de Rijksdienst voor het oudheidkundig bodemonderzoek, 30 (1980), 204-214.

Gedetermineerd door rimidi

Nederrijnse regenboogschotel, Triquetrum type  van de Lith-groep: ca. 50 – 15 v.Chr.

Gevonden door Theun Oostenbrug

Muntheer: Volk van de Batavi

Materiaal: zilver 40 à 55%

Diameter: 17 mm

Gewicht: 4,61 gr

Voorzijde: Triquetrum/Triskele binnen een lauwerkransvormige torque.

Keerzijde: Een piramidale configuratie van 5 puntcirkels en 3 dubbele cirkels binnen een zigzagpatroon.

Bataven

Lit: Roymans en W. van der Sanden, Celtic coins from the Netherlands and their archaeological context, Berichten van de Rijksdienst voor het oudheidkundig bodemonderzoek, 30 (1980), 204-214.

Gedetermineerd door rimidi

Bronsmunt type met leeuw (Bronze au lion): ca. 75 – 65 v.Chr.

Gevonden door Mark Volleberg

Muntheer: Bellovaci stam uit de regio van Beauvais.

Materiaal: brons

Diameter: ?; ca. 18 mm

Gewicht: ?; ca. 2,5 gr

Voorzijde: Sterk gestileerde buste naar rechts met baard en open mond en dikke haarlokken in de vorm van paddestoelen. Anepigrafisch.

Keerzijde: Gaande leeuw naar links met ruige manen en met staart in S vorm geheven en. Anepigrafisch.

Datum: z.j. ca. 75 – 65 v.Chr.

Slagplaats: gebied Beauvais

Bellovaci

Referentie

Lit: La Tour 8577; DelestréeTache 231; Scheers, Gaule Belgique 471

Gedetermineerd door rimidi

Kwart stater met schip/met boom en gebroken lijn “au bateau/à l’arbre et la ligne brisée”: 80 – 57 v.Chr.

Gevonden door Sammy Fraeyman

Muntheer: Keltische stam van de Morini, mogelijk zijn ook de Ambiani en de Atrébates

Materiaal: goud

Diameter: ?; ca. 10 mm – 12 mm

Gewicht: ?; ca. 1,60 gr

Voorzijde: Bootje met daarin twee personen anderen houden het op twee masten en een parel boven de boeg. Tekst: anepigrafisch.

Keerzijde: Boom tussen twee langwerpige versieringen boven een gebroken sikkelvormige lijn die de vallei van de lage Somme zou voorstellen. Onderaan maansikkel en een minuskel gamma of omgekeerd lambda symbool. Tekst: anepigrafisch.

Datum: z.j. ca. 80 – 57 v.Chr. Deze kwartstaters dateren zeker al van tijdens de Gallische Oorlog, en mogelijk zijn ze zelfs nog iets ouder.

Slagplaats: Noordwest Frankrijk, westen van Gallia Belgica.

Morini

Referentie

Lit: Simone Scheers :”La Gaule Belgique” type klasse III ,nr 116; Delestrée-Tasche I “Seine tot Rijn”nr 249; Latour 7422var.

Gedetermineerd door rimidi

Hemistater van het type Ciney, soms ook kwart stater / hemistater “à la fleur”: 260 – 150 v.Chr

Gevonden door Dominique Steuckers

Muntheer: Volk uit het gebied van de huidige provincie Namen.

Materiaal: goud

Diameter: 15 mm

Gewicht: 2,5 gr

Voorzijde: Gestileerd mannenhoofd naar rechts met spitse neus, zijn haardos bestaande uit verschillende krullen en een ring bovenaan, een haarlok op zijn voorhoofd neder dalend, de halsafsnede is een boog (met eronder een motief?).

Keerzijde: Een strijdwagen (biga) naar rechts met twee paarden – vier achterbenen en de kop van tweede paard is nog enigszins zichtbaar, slechts één paar voorbenen – waarop een menner met zweep in linker hand en teugels in de rechter hand. Onder het span een lijn die de aarde voorstelt, rechts eindigend op een bol van waaruit een gebogen lijn vertrekt getopt door een bloem. De verticale lijntjes onder de lijn van de aarde stellen een fictieve legende voor.

Datum: z.j. ca. 260 – 150 v.Chr. – vermoedelijk tegen het eind van deze periode –

Slagplaats: Omgeving Ciney, provincie Namen.

Lit: Charlotte Sillon, L’or monnaye dans le Nord de la Gaule, Pag 100-102, Serie au type de Ciney, 1.2.1.2, fig 62; Scheers 77, serie 6, classe II  (à la fleur), var cf 42-43, BnF 10269; Delestrée Tache 33 (à la fleur).

Gedetermineerd door rimidi

Keltische nabootsing 2e – 1ste eeuw v.Chr.

Gevonden door Jack Gielen

Materiaal: zilver

Diameter: 20 mm

Gewicht: 12 gr

Een Keltische tetradrachme met de triskeles geslagen door een ongekende Keltische stam uit het huidige Hongarije.
Deze munt heeft geen Grieks voorbeeld. Het is daarentegen een imitatie van een Macedonische zilvermunt van Philippus II, koning van Macedonië in de 4e eeuw BC.
Deze Keltische nabootsing dateert van het einde van de 2e tot begin van de 1e eeuw BC.

Voorzijde: Hoofd van Zeus naar rechts. Kenmerkend met dit type is de weergave van de omkerende krans.

Keerzijde: Een ruiter ( met opgeheven linkerhand ) naar rechts afgebeeld waarbij het paard een opgeheven linkerpoot vertoont, eronder een symbool bestaande uit vier verbonden bolletjes. Achter de ruiter staat normaal ook een symbool weergegeven, hier niet zichtbaar. Onder het paard een triskelesmotief.

Lit: Castelin nr 1228-1230

Gedetermineerd door Marc Billiau