Gevonden door Hopper Huppus
Materiaal: zilver
Diameter: 21 mm
Gewicht: 4,4 gr
Voorzijde: Gedrapeerde en geharnaste buste met stralenkroon naar rechts. Tekst: IMP C M Q TRAIANVS DECIVS AVG
Keerzijde: De keizer te paard naar links lopend, met de rechterhand opgeheven als groet en in zijn linkerhand een scepter. Tekst: ADVENTVS AVG
Slagplaats: Rome
Lit: RIC 11b, RSC 4
Gedetermineerd door Balten De Temmerman
Gaius Messius Quintus Trajanus Decius, geboren ca. 195 in Budalia,
Illyricum, (hedendaags Servië), gekend als Trajan Decius. Hij was vanaf 234 gouverneur van Moesia, in 249 werd hij tot praefectus urbi benoemd en door keizer Philippus Arabs met het opperbevel in Moesia en Pannonia en de strijd tegen de Goten belast. Door zijn troepen te Viminacium tot keizer uitgeroepen, werd Decius vrijwel algemeen erkend. Philippus sneuvelde tegen hem bij Verona (249). Decius voerde grote bouwwerken uit (wegen, thermen op de Aventijn) en schonk zorg aan de graanvoorziening en de financiën. Als overtuigd vernieuwer van oude tradities ondernam hij de eerste systematische christenvervolging. Door speciale offercommissies loyaal bevonden christenen ontvingen een schriftelijke verklaring. Tot de slachtoffers behoorden o.a. paus Fabianus; bisschop Cyprianus en vele anderen konden slechts door te vluchten hun leven redden. Na een zege bij Berola veroverden de Goten Philippopolis in Thracië. Decius trok zelf tegen hen op, maar sneuvelde, door zijn veldheer Trebonianus Gallus in de steek gelaten, samen met zijn zoon en Caesar Herennius Etruscus bij Abrittus (Dobroedsja) in juni 251. Trajanus Decius werd na zijn dood vergoddelijkt. Twee borstbeelden van hem zijn met zekerheid geïdentificeerd: een in de Musei Capitolini en een in het Museo Torlonia (beide te Rome). Hij figureert als boosdoener in verschillende christelijke legenden, zoals die van Sint-Christoffel, de Zevenslapers van Efeze en van de heilige Agatha.