Uitgelicht

Database van Metaaldetectie Vlaanderen vzw. Elk stukje metaal heeft een verhaal.

974.615 keer bekeken

Dupondius: Nero 66 n.Chr.

Gevonden door Kevin Van den Berk ( ID-215089 )

Materiaal: brons

Diameter: 28 mm

Gewicht: 10,4 gr

Voorzijde: Gelauwerd hoofd naar rechts, wereldbol ter hoogte van de borst. Tekst: IMP NERO CAESAR AVG P MAX TR P P P

Keerzijde: Victory lopend naar links, in de rechterhand een krans en in de linkerhand een palmtak. Tekst: VICTORIA AVGVSTI en in het veld S / C 

Slagplaats: Lyon

Lit: RIC 523 en 602; Cohen 344; BMCRE 356; WCN 526; Sear 1970

Gedetermineerd door Balten De Temmerman

Nero, geboren in Antium op15 december 37 was de vijfde Romeinse keizer, van 13 oktober 54 tot 9 juni 68. Nero was de zoon van Gnaeus Domitius Ahenobarbus en Agrippina de jongere en via haar verwant aan Gaius Julius Caesar Octavianus (Augustus). Hij beriep zich erop een bet-achterkleinzoon van keizer Augustus te zijn. Zijn oorspronkelijke naam was Lucius Domitius Ahenobarbus. Bij zijn adoptie door keizer Claudius veranderde zijn naam in Nero Claudius Caesar Drusus Germanicus. Toen hij keizer werd, werd zijn officiële naam Nero Claudius Caesar Augustus Germanicus en vanaf 66 Imperator Nero Claudius Caesar Augustus Germanicus. Het goede en milde beleid dat Nero gedurende de eerste vijf jaren mede onder invloed van zijn opvoeder Seneca en de praefectus praetorio Afranius Burrus in de trant van Augustus en met inachtneming van de rechten van de senaat voerde, deed reeds spreken van een gouden tijd. Met naar het schijnt oprechte overgave wijdde de keizer zich intussen aan de muziek, dicht-, schilder- en bouwkunst. Op aansporen van Otho trachtte Nero zich echter al spoedig aan de invloed van zijn heerszuchtige moeder te onttrekken. De mogelijke troonpredendent  Britannicus werd in 55, Agrippina zelf in 59 omgebracht. De dood van Burrus (62), het ontslag van Seneca en de scheiding van Octavia bevrijdden hem van andere knellende banden. Otho’s vroegere vrouw Poppaea Sabina nam weldra als nieuwe echtgenote de plaats van zijn geliefde Acte in. Intussen echter wonnen Burrus’opvolgers Ofonius Tigellinus en Faenius Rufus aan invloed. Het optreden van Nero als wagenmenner en citerzanger, eerst in besloten kring, waar hij door vleiers als Apollo werd bejubeld, daarna in het openbaar in Napels en Rome, kwetste in hoge mate de gevoelens van de Romeinen. Zijn buitensporige gedrag en ijdelheid vergrootten zijn impopulariteit. Hebzuchtige en brutale helpers van lage afkomst omgaven de keizer, wiens kostbare oorlogen in Britannië (61) en Armenië tot geldontwaarding en plundering van de welgestelden leidden, waartoe de opnieuw van kracht verklaarde lex maiestatis de mogelijkheid schiep (62). De stichting van de Iuvenalia-spelen (59), gevolgd door de Neronia (61), en de stichting van een gymnasium in Rome konden de ernst van de situatie niet verhelen. De catastrofale brand van Rome (juli 64), die leidde tot de eerste systematische christenvervolging en gevolgd werd door een wederopbouw en de aanleg van de kolossale Domus Aurea, deed nog verder afbreuk aan de naam van de keizer: de volksmond wees zijn persoon zelfs aan als brandstichter. Ieder haatte of vreesde de achterdochtig geworden vorst. De hieruit voortvloeiende samenzwering om Nero te vermoorden en Caius Calpurnius Piso tot keizer tot keizer uit te roepen (65) werd echter verraden. Tot de velen die de dood in werden gedreven, behoorden Seneca, Lucanus, Petronius en Thrasea Paetus. In het jaar 66, waarin Nero na Poppaea’s dood Statilia Messalina huwde, de Armeense kroon te Rome aan Tiridates schonk en Vespasianus naar het opstandige Judaea werd gestuurd, besloot de keizer een reis naar Griekenland te maken. Zijn toernee daar leverde hem 1808 zegekransen, veel jubel en kunstwerken op. De provincie Achaea werd beloond met belastingvrijdom en volledige vrijheid. Ook werd begonnen met het graven van het kanaal van Corinthe. Veel kwaad bloed zette intussen de gedwongen zelfmoord van generaal Corbulo en een van de beide Scribonii, stadhouders in Germania. Het door hongersnood nog aangewakkerde verzet noopte Nero tot terugkeer naar Rome, waar in januari 68 aankwam. Toen waas het echter al te laat. In Gallia stond de gouverneur Caius Iulius Vindex op, in Spanje Galba en in Africa Clodius Macer. Toen de praetorianen zich daarop aan de zijde van Galba schaarden en de senaat Nero to staatsvijand verklaarde, vluchtte deze naar een villa buiten de stad. Toen men hem kwam arresteren dreef hij na lang aarzelen een dolk in zijn keel, onder het spreken van de woorden Qualis artifex pereo (Welk een kunstenaar sterft er met mij…). Waarschijnlijk was de steek niet dodelijk en heeft Epaphroditus, een vrijgelatene van Nero en een van de weinigen die hem tot het einde toe trouw waren gebleven, hem uiteindelijk de fatale steek toegediend. Hij liet het Rijk bankroet en in totale chaos achter. De senaat vervloekte zijn nagedachtenis met de damnatio memoriae.

Rekenpenning Frankrijk, type Staande koning onder baldakijn, Philippe de Valois of Jean le Bon, ca. 1328-1364. 

Gevonden door Gino Gerinckx ( ID-215010 )

Materiaal: koperlegering

Diameter: 23 mm

Gewicht: 2,08 gr

Voorzijde: Gekroonde koning, staande onder een gotisch baldakijn, met een scepter in de rechterhand. Tekst rechts: DE LA en links: TOV (S) Afgeleid van De Laton (van latoen/messing)

Keerzijde: driebening rechts leliekruis, met centraal vierblad, binnen een dubbele vierpas met hoekpunten, met in de binnenhoeken lelies en om de buitenhoeken steeds twee letters tussen ringetjes: SV OT ? ?

Lit: Michael Mitchiner, Volume I, blz 163, No. 399, variant.

Gedetermineerd door Jan Ooms

Republikeinse denarius: Fabia – Quintus Fabius Maximus 82 – 80 v.Chr

Gevonden door Kevin Van den Berk ( ID-214990 )

Denarius – tijdperk van Lucius Cornelius Sulla, 82–80 v.Chr.

Materiaal: zilver

Diameter: 18 mm

Gewicht: 3,3 gr

Voorzijde: Gelauwerd hoofd van Apollo naar rechts. Achter het hoofd ROMA; eronder Q. MAX en ervoor een lier en een ster

Keerzijde: Hoorn des overvloeds op bliksemschichten

Slagplaats: Rome ?

Quintus Fabius Maximus (consul 213 v.Chr.)

Referentie

Lit: Cr. 371, 1; Syd. 718.

Gedetermineerd door Balten De Temmerman

Rond 82 v.Chr. was de bekendste drager van de naam Quintus Fabius Maximus (de beroemde ‘Cunctator’ of ‘Treuzelaar’) al lang overleden (hij stierf in 203 v.Chr.).

Echter, in de roerige periode rond 82 v.Chr., waarin Sulla de macht greep en dictator werd, waren er andere leden van de invloedrijke patricische familie gens Fabia actief. De meest prominente Quintus Fabius Maximus in die specifieke periode was waarschijnlijk: Quintus Fabius Maximus (Allobrogicus): Dit lid van de Fabii-familie was een Romeins politicus en generaal die eerder, in 121 v.Chr., consul was geweest. Hoewel hij rond 82 v.Chr. waarschijnlijk al op leeftijd was, behoorde hij tot de invloedrijke senatoriale elite tijdens de Romeinse burgeroorlogen.

Context van de periode (ca. 82 v.Chr.): Burgeroorlog: Deze jaren werden gedomineerd door de strijd tussen de facties van Marius/Cinna en Sulla. Sulla’s Dictatuur: Sulla werd in 82/81 v.Chr. dictator om de Romeinse Republiek te ‘hervormen’, wat leidde tot proscripties (zuiveringen) waarbij veel tegenstanders werden gedood. Fabii-familie: De gens Fabia was een gevestigde adellijke familie die traditioneel de senaatselite steunde.

Brussel: plaket, 14 oorden 1792-1794

Gevonden door Gino Vermeulen ( ID-214974 )

Muntheer: Frans II van Oostenrijk, 1792-1795

Materiaal: zilver 507 / 1000

Diameter: 22 mm

Gewicht: 1,15 gr; uitgifte: ca. 2,72 gr

Voorzijde: Gekroond gekanteld takkenkruis, ter weerszijden” X – IV” voor 14 oord, muntplaatsteken engelenhoofdje onderaan. Tekst: FRANC II D G R IMP S A GER HIER HUN BOH R.

Keerzijde: Gekroonde dubbelkoppige keizerlijke adelaar met gespreide vleugels met op de borst het wapenschild van Habsburg -Lotharingen. Tekst: ARCH AUST D BURG LOTH BRAB C FL jaartal(179x)

Datum: n.n.t.b. 1792-1794

Muntteken: 

Slagplaats: Brussel

Keizer Frans II

Lit: Vanhoudt new 885; Vanhoudt atlas J 74

Gedetermineerd door Eric Aerts en rimidi

Joodse Handelspenning: 1825

Gevonden door Kevin Van den Berk ( ID-214849 )

Materiaal: lood / tinlegering

Diameter: 25 mm

Gewicht: 9 gr

Voorzijde: Binnen een getande cirkelrand/boord, onder een Davidster de letters/initialen en jaartal: A D 1825

Keerzijde: Binnen een getande cirkelrand/boord in het veld, een ballans met twee weegschaaltjes.
 
Datering: 1825
 
Aanmaakplaats: onbekend.
 
 
Gedetermineerd door Paul Callewaert