Gevonden door Riemer Heinen

Materiaal: koperlegering
Diameter: 22,5 mm
Gewicht: 2,62 gr
Voorzijde: Een tulpkrans met daarin de tekst ZVTP HANIEN SIS in drie regels, watt betekent: Zutphen.
Keerzijde: Een klauwende leeuw naar links binnen een cirkel en de tekst: MON NOVA VET VRBIS (of variant). Voluit: moneta nova vetera urbis, wat betekent: nieuwe munt van de oude stad.
Datum: z.j. 1604 – 1605
Muntmeester: Evert (Hendrik) Weijntges 1604 – 1605
Slagplaats: Zutphen
Voorschrift: commissie van 12 juni 1604. Uit een mark 76 stuks is ca. 3,24 gram per stuk. De stadsraad bepaalde verder dat de muntmeester de duiten niet in de stad Zutphen zelf in omloop mocht brengen maar ze moest uitvoeren naar elders.
In de instructie voor de muntmeester werden ook oortjes en penningen voorgeschreven. Het voorschrift bepaalde dat er 38 oortjes van ca. 6,48 gram uit een mark moesten komen. De andere munten moesten naar verhouding worden geslagen. Het oortje is nooit geslagen, de penning waarover wordt gesproken is mogelijk de schüsselpfennig van het type ZUT.12.
ZUT.13
Gedetermineerd door Riemer Heinen