Antwerpen: reaal ca. 1603-1607 

Gevonden door Mike Creemers ( ID-199500 )

MuntheerAlbrecht & Isabella, landvoogden van de Zuidelijke Nederlanden, 1598-1621. 

Materiaal: zilver 896 / 1000

Diameter: ?

Gewicht: ?; uitgifte: 3,06 gr

Voorzijde: Het gekroond wapenschild van de landvoogden omhangen met de keten van de Orde van het Gulden Vlies. Tekst: ALBERTVS.ET.ELISABET.D:G. 

1: Hongarije: in rood 3 zilveren balken.
2: Bohemen: in rood een zilveren leeuw.
3: Castilië: in rood een gouden kasteel, blauw gesloten en verlicht.
4: Leon: in zilver een goud gekroonde purperen leeuw.
5: Aragon: in goud vier rode palen.
6: Sicilië: schuingevierendeeld met in de bovenste en onderste halve ruit in goud 4 rode palen (Aragon),
in de twee halve zijruiten in zilver een zwarte adelaar (Hohenstaufen).
7: Portugal: in zilver 5 blauwe schildjes (geplaatst 1.3.1) beladen met 5 pesanten van zilver (geplaatst
2.1.2). Een rode schildzoom beladen met 7 gouden kastelen (quinas).
8: Oostenrijk: in rood met een zilveren dwarsbalk.
9: Nieuw Bourgondië: blauw met gouden lelies, een schildzoom geblokt van rood en zilver.
10: Oud Bourgondië: geschuinbalkt van goud en blauw van zes stukken en rood omzoomd.
11: Brabant: in zwart een gouden leeuw, rood getongd.
12: Vlaanderen: in goud een zwarte leeuw, rood getongd.
13: Tirol (in zilver een rode adelaar, gekroond, gebekt, en gepoot van goud. De vleugels beladen met twee gouden klaverbladstengels.

Keerzijde: Gekroond Bourgondisch takkenkruis met onderaan het juweel van het Gulden Vlies, ter weerszijde de initialen A en E. Tekst:  ARCHIDVCES.AVST.DVCES.BVRG.ET.BRAB.Z. 

Datum: z.j. ca. 1603-1607 

Muntteken: 

Slagplaats: Antwerpen

Albrecht en Isabella

Lit: Vanhoudt new 595.AN;  Vanhoudt atlas I 395; van Gelder Hoc 293-1 

Gedetermineerd door Mike Creemers en rimidi

Rozenkranskruisje: eind 19e eeuw – begin 20ste eeuw

Gevonden door Ralph Vandiest ( ID-199321 )

Materiaal: koperlegering met houtinleg 

Afmetingen: 17,6 mm / 30,4 mm

Gewicht: 1,68 gr

De houtinleg symboliseert het houten kruis waaraan Jezus gekruisigd werd. Met het bij zich hebben of dragen toonde men uiterlijk dat men christen was en niet één of andere heidenen.

Gedetermineerd door Eric Aerts