Muntheer: Stedelijke muntslag Ieper onder graafschap Vlaanderen.
Materiaal: zilver
Diameter: ?
Gewicht: ?
Voorzijde: In een parelkrans twee invers geplaatste driehoeken, de ene eindigend op gepunte ringen, de andere op lelies. Tussen de hoeken twee bolletjes. Centraal een parel.
Keerzijde: In een dubbele parelkrans een lang gevoet kruis, in het eerste en vierde kwartier een ringetje in het tweede en derde kwartier een parel. Tekst: I / P / R / A; Ieper
Datum: tweede periode z.j. ca. 1180 – 1220
Slagplaats: Ieper
Lit: Vanhoudt atlas G 2427var; Ghyssens 2139; Les Mailles M 877
Afbeelding van een door Wessel Spoelder geschreven artikel in de Detector amateur nummer 161 en 162
In de context van middeleeuws paardentuig is een teugelspanner (ook wel bekend als teugelverdeler of riemverdeler) een essentieel metalen onderdeel dat de verbinding tussen verschillende riemen van het hoofdstel regelt. Op basis van zie afbeelding en historische bronnen zijn dit de belangrijkste kenmerken:
Functie: Het zorgt voor de bevestiging en een stabiele overgang tussen de bitring en de teugel. Het helpt de druk op het bit gelijkmatig te verdelen en voorkomt dat riemen in de war raken of verschuiven tijdens het rijden.
Materiaal en Vorm: Deze objecten werden meestal gegoten uit een koperlegering of brons. Ze variëren in vorm van eenvoudige ringen tot rijk versierde, kruisvormige of opengewerkte beslagstukken, vaak met zoomorfe (dierlijke) of geometrische motieven.
Datering: De exemplaren op de afbeelding, zoals de Ottoonse varianten, dateren vaak uit de periode tussen 950 en 1200 na Christus.
Muntheer: Stedelijke muntslag onder graafschap Vlaanderen.
Materiaal: zilver
Diameter: 10 mm
Gewicht: ?; ca. 0,4 gr
Voorzijde: In een dubbele parelcirkel vier ringetjes evenredig verdeeld. In het veld twee lelies naar elkaar toegekeerd met het middelste bloemblad gemeenschappelijk, erboven een ster, eronder een maansikkel. Tekst: Anepigrafisch
Keerzijde: In een dubbele parelcirkel het omschrift. In het veld een kort sterk gevoet kruis met in het eerste en vierde kwartier een parel en in het tweede en derde kwartier een maansikkel. Parels en maansikkels met een steeltje verbonden met het midden van het kruis. Tekst: ✠ SIMON
Monetarius: Simon
Datum: z.j. ca. 1140-1180
Slagplaats: Arras
Opmerking: Wegens de staat en de kwaliteit van de foto’s zijn niet alle details zichtbaar voor een exacte determinatie.
Lit:J Ghyssens 108; Bron voorbeeld: Les mailles M 59.
Muntheer: Stedelijke muntslag onder graafschap Vlaanderen.
Materiaal: zilver
Diameter: 9 mm
Gewicht: 0,15 gr
Voorzijde: In een dubbele parelcirkel een driehoek met op de uiteinden een ring met middenstip, tussen de zijden van de driehoek en de binnenste parelcirkel telkens een lelie naar binnen gericht. In het midden van de driehoek een parel. Tekst: Anepigrafisch
Keerzijde:In een dubbele parelcirkel, doorbroken door een lang gevoet kruis het omschrift L – I – L – A, Lille. In de binnenste kwartieren telkens een parel.
De Zwaardschede-beschermer: Fries-Gronings Vakmanschap. Een zwaard was in de middeleeuwen een kostbaar bezit dat uiterste zorg vereiste. Om zowel de drager te beschermen tegen het scherpe metaal als het wapen zelf te behoeden voor vocht en schade, werd gebruikgemaakt van een vernuftig samengestelde schede. De zwaardschedepuntbeschermer (ook wel zwaardkapje genoemd) vormde hiervan het cruciale sluitstuk.
Een Uniek Regionaal Product. Hoewel zwaarden overal werden gedragen, is dit specifieke type ‘opengewerkte’ beschermer een typerend regionaal product. De meeste exemplaren zijn teruggevonden in de noordelijke provincies Friesland en Groningen. Archeologisch onderzoek, waaronder belangrijke vondsten aan de Eewal en Zuupsteeg in Leeuwarden, bevestigt dat deze kapjes hun hoogtijdagen kenden tijdens de Volle Middeleeuwen (ca. 1050 – 1250 na Chr.). Dat deze objecten veelvuldig zijn opgenomen in het PAN-register (Portable Antiquities Netherlands) onderstreept hun historische waarde voor de noordelijke regio.
Vorm en Functie. De opbouw van een schede was in de basis door de eeuwen heen consistent: De kern: Dunne houten spaantjes die het lemmet omsloten. De bekleding: Een afwerking van textiel of leer voor duurzaamheid.
Het beslag: Een ‘mondblik’ aan de bovenzijde voor de insteek en een stevig metalen kapje aan de onderzijde.
Het kapje op de afbeelding is niet alleen functioneel – het voorkwam dat de scherpe punt door het leer of hout heen prikte – maar diende ook als versiering. De specifieke vorm en de decoratieve uitsparingen (het opengewerkte karakter) zijn kenmerkend voor de stijl uit deze periode. Ze bieden archeologen een betrouwbare indicatie voor de datering van de context waarin ze gevonden worden.
Veiligheid door de eeuwen heen. De geschiedenis van de schedebeschermer is zo oud als het gebruik van metalen wapens zelf. Zodra de mensheid messen, dolken en zwaarden ging smeden, ontstond de behoefte om deze veilig te kunnen dragen. Deze Noord-Nederlandse vondsten herinneren ons aan een tijd waarin esthetiek en veiligheid hand in hand gingen in de uitrusting van de middeleeuwse mens.
Muntheer: Anoniem, abdij van Sint Bertinus (Saint-Bertin, Fr).
Materiaal: zilver
Diameter: 12 mm
Gewicht: < 1 gr
Voorzijde: Binnen een parelcirkel een rozet van zes lussen met centraal en in elke lus een gepunte ring, tussen de lussen telkens een parel. Tekst: Anepigrafisch.
Keerzijde: Binnen een parelcirkel een kort gevoet kruis met in elk kwartier een gepunte ring. Tekst tussen parelcirkels: Є m Є m Є m Є m
Datum: z.j. ca. 1150-1220
Slagplaats: Abdij van Sint Bertinus te Sint Omaars
Opmerking: Wegens verschillende stilistische overeenkomsten met bepaalde mailles van de abdij van Sint Bertinus ( Zie A Haeck Vl, 89, 80) is deze abdij de vermoedelijke opdrachtgever.
Lit:Vermoedelijk niet beschreven!
Voorzijde: De Mey NP 62, 193; A Haeck NP 16, 89; Richebé 77
Muntheer: Stedelijke muntslag onder graafschap Vlaanderen.
Materiaal: zilver
Diameter: 11 mm
Gewicht: 0,3 gr
Voorzijde: In een dubbele parelcirkel vier ringetjes evenredig verdeeld (soms zeer klein en moeilijk te zien zoals in dit geval). In het veld twee lelies naar elkaar toegekeerd met het middelste bloemblad gemeenschappelijk, erboven een maansikkel, eronder een ster. Tekst: Anepigrafisch
Keerzijde: In een dubbele parelcirkel het omschrift. In het veld een kort sterk gevoet kruis met in het eerste en vierde kwartier een parel en in het tweede en derde kwartier een maansikkel. Tekst: ✠ S I M O N
Monetarius: Simon
Datum: z.j. ca. 1140 – 1180
Slagplaats: Arras
Opmerking: Wegens de staat van het muntje is dit een benaderende determinatie.