Gevonden door Jan Ooms

Materiaal: koper
Diameter: ?
Gewicht: ?
Voorzijde: Een tulpkrans met daarin de tekst WEST FRISIÆ in twee regels, daaronder het jaartal.
Keerzijde: Gekroond wapenschild met het wapen van West-Friesland. De leeuwen hebben hun kop ‘en face’ gericht, dat is tot de kijker gericht. Tekst: DEVS. FORTI. ET. SP. NOS (of variant). Dit is voluit: Deus fortitudo et spes nostra, en betekent: God is onze kracht en hoop.

Wapen van West-Friesland
Muntmeester: Hans Sweerts 1626 – 1631
Muntmeesterteken: (rozet) of (lelie). Vermelding van duiten bij de jaren 1626 en 1627 in zijn 1ste en enige muntbus (1626-1631 te Enkhuizen) ca. 3182560 stuks.
Slagplaats: Enkhuizen
Wettelijk voorschrift: instructie van de Staten van Holland en West-Friesland.
Besier vermeldt dat er 160! stuks uit de snede kwamen (160 uit een mark van 246,084 gram), wat een veel te licht gewicht oplevert van 1,538 gram per stuk. Mogelijk is dit een fout en wordt 116 uit de snede bedoeld wat een gewicht oplevert van ca. 2,12 gram.
De duit 1626 die bekend is met de tekst WEST FRISIA (dus zonder E achter FRISIA) is van een afwijkende uitvoering. Interessant is het laatste cijfer in het jaartal, het lijkt of de 6 over een 5 is gemaakt. Dit zou kunnen betekenen dat er een stempel reeds in 1625 gemaakt is welke nooit is gebruikt maar is aangepast naar 1626. Om hier zekerheid over te verkrijgen moeten er meerdere exemplaren bekend worden met een duidelijker laatste cijfer. De duit 1645 in koper (1,46 gram) is extreem zeldzaam, zij zijn o.a. bekend geworden door terug gevonden exemplaren in Sri Lanka (het voormalige Ceylon). De laatste tijd zijn mij drie exemplaren bekend geworden hier in Nederland. Door de zeldzaamheid is het aannemelijk dat de complete oplage (in het geheim?) is verscheept naar Ceylon en delen van India. Alleen enkele exemplaren en wat zilveren afslagen zijn in Nederland achtergebleven.
WES.40
Gedetermineerd door Jan Ooms