Karolingische appliek: 8ste eeuw – 9e eeuw

Gevonden door David Vandenbussche

Materiaal: koperlegering ingelegd met emaille en bladgoud versiering.

Afmetingen: 25 mm / 30 mm

Gewicht: ?

Vroegmiddeleeuwse appliek met geometrische motieven, decoratie wordt gevormd door compartimenten ( cloisonne ) in het Frans metalen schotjes, opgevuld met email. (cloisonné techniek) motieven kruisvorm en diagonale kruizen. Dit soort applieks werden ingelegd op reliekkisten draagkruizen enz. (Kerkelijk gebruik) Deze geometrische motieven zijn karakteristiek voor de Karolingische periode 8e – 9e eeuw.

Referentie

Lit: Email im frühen Mittelalter

Gedetermineerd door Wessel Spoelder

Merovingische denier met monogram ME: ca. 725 – 750

Gevonden door Martijn Aarts

Muntheer: Anoniem, Moezel, regio Metz.

Materiaal: zilver

Diameter: ? ca. 13 mm

Gewicht: ? ca. 1,0 gr

Voorzijde: In een gladde cirkel een vervormd ME monogram.

Keerzijde: In een gladde cirkel een D met erin een kruisje, erboven een afkortingsstreepje en links ervan een parel.

Datum: z.j. ca. 725-750 n.Chr.

Slagplaats: Metz

Andere vondsten onder meer in Metz, Commercy, Domburg… vele varianten.

Lit: Belfort 2963-2982; Prou 2791-2839; MEC.1/ 596var; Lafaurie 227var; Depeyrot Metz, monogram nr 1. p. 45.

Gedetermineerd door rimidi

 

Merovingische denier met monogram A en S, niet toegewezen: ca. na 670-750

Gevonden door Luc Wijnants

william2.1 william2

Materiaal: zilver

Dameter: 10 mm – 12 mm

Gewicht: ?

Voorzijde: In een parelkrans een A met ter weerszijden een groep van (vijf) parels en onderaan een ring omgeven door (elf) parels met nog twee extra parels aan de voet van elk been van de A. Tekst: anepigrafisch.

Keerzijde: In een parelkrans een spiegelverkeerde S met een parel in de krullen, links een T tussen twee parels (en links een platliggende H (of I ?) tussen twee parels)? Tekst: anepigrafisch.

Datum: z.j. ca na 670-750.

Slagplaats: Niet gekend, Poitiers – Tours?.

Opmerking: Vondsten onder meer in Kémexhe en Eisden (Tongeren), hier en daar kleine verschillen…

Referentie

Referentie

Referentie

Lit: Prou 2789; Belfort 5692; Depeyrot, p 171, 27; MEC  I, 624

Gedetermineerd door Marco Fasulo en rimidi

 

Sceatta,”Continentaal Runentype”: ca. 695 – 710

Gevonden door Tom Devos

Muntheer: Friese oorsprong

Materiaal: zilver

Diameter: 11 mm

Gewicht: 1,1 gr

Voorzijde: Een gestileerd hoofd met diadeem en met piekenkroon naar rechts, links van het hoofd een platliggende “A”?. Deze sceatta is gemaakt naar een iets ouder Angelsaksisch voorbeeld en op het vasteland veelvuldig nagevolgd in het Friese en waarschijnlijk ook het Frankische gebied. Om deze redenen worden deze navolgingen het Continentaal Runen-type genoemd.

Keerzijde: Centraal een kruis met in elk kwartier een bolletje eromheen een verbasterd “runen”omschrift.

Datum: z.j. ca. 695-710

Slagplaats: Gebied tussen de grote rivieren. 

Lit: JNGMP 2003, W op den Velde & D M Metcalf & BMC series D type 2c Remmerden 712/713

Gedetermineerd door rimidi

Sceatta,”Continentaal Runentype”: ca. 695 – 710

Gevonden door Manja Manja

manja1.1 manja1

Muntheer: Friese oorsprong

Materiaal: zilver

Diameter: 12 mm

Gewicht: 1,05 gr

Voorzijde: Een gestileerd hoofd met diadeem ( en met stralenkroon ?) naar rechts, links van het hoofd een platliggende “A”?. Deze sceatta is gemaakt naar een iets ouder Angelsaksisch voorbeeld en op het vasteland veelvuldig nagevolgd in het Friese en waarschijnlijk ook het Frankische gebied. Om deze redenen worden deze navolgingen het continentaal runen-type genoemd.

Keerzijde: Centraal een kruis met in elk kwartier een bolletje erom heen een verbasterd “runen”omschrift.

Datum: z.j. ca. 695-710

Slagplaats: Gebied tussen de grote rivieren.

manja-800

Lit: JNGMP 2003, W op den Velde & D M Metcalf & BMC series D type 2c/2f Domburg 474/475

Gedetermineerd door rimidi