Gevonden door Martine Delplace
Materiaal: koper
Diameter: 24 mm
Gewicht: 3,26 gr
Voorzijde: Gekroond wapenschild met meerdere kwartieren. Tekst: FERDINANDVS.REC… (of variant).

1: Zilveren adelaar op blauw van Aspremont (Este).
2: Zilveren spitsruiten op rood van Hamal, zo veranderd dat het op het wapen van Beieren lijkt.
3: Een rode leeuw op goud van Reckheim (naar links).
Keerzijde: De letters F en R (soms met rozetje(s)) aan weerszijden van een Luiks perron, daarboven een kroontje. Tekst: COM.DE.LINDEN (of variant). Voluit: comes de Linden, wat betekent: graaf de Lynden.

Perron van Luik
Slagplaats: Reckheim
Nabootsing van Luikse liards zoals deze door Ferdinand van Beieren (1612-1650) werden geslagen (type de Chestret 620-624 en 631/632). Wederom komt hier de naam Elisabeth voor in het opschrift. Als Ferdinand de naam van zijn vrouw Elisabeth Von Fürstenberg heeft gebruikt dan is het jaartal 1631 mogelijk geantedateerd omdat hij pas in 1643 met haar trouwde en Ferdinand pas graaf van Rekem werd in 1636.
Bij nagebootste munten zijn de jaartallen vaak verzonnen en de letters vaak ook opzettelijk zwak en vaag in het stempel gesneden om twijfel te zaaien.
Het zogenaamde “Luikse perron” dat voorkomt op deze munt was de benaming in het prinsbisdom Luik voor een monument bestaande uit een stenen zuil. De zuil staat op een arduinen voetstuk van drie à zeven treden, bekroond door een pijnappel met daarop een kruis. Het kruis, aanduiding van een kerkelijke bezitting, werd geassocieerd met de justitiesteen. Toen de Luikse bisschop als leenman werd bekleed met de wereldlijke macht (o.a. munt, hoge justitie) verscheen een afbeelding van het perron op de munten.
REC.11
Gedetermineerd door Eric Aerts