Gevonden door Luc Van der Linden

Materiaal: messing
Diameter voet: 15 mm
Hoogte: 26 mm
Gewicht: 5,20 gr
Zonder zegel !!!
Gedetermineerd op facebook
Database van Metaaldetectie Vlaanderen vzw. Elk stukje metaal heeft een verhaal.
Gevonden door Luc Van der Linden
Materiaal: koper
Diameter:
Gewicht:
Voorzijde: Gekroond vuurijzer omgeven door 3 wapenschildjes. Links Oostenrijk, rechts Bourgondië en onder Brabant. Tekst:
CAROL. II. D.G. HISP. ET. INDIARVM. REX (of variant). Dit is voluit: Carolus II Dei gratia Hispaniarum et Indiarum rex, en betekent: Karel II, bij Gods gratie koning van Spanje en de Indiën (de tekst gaat op de keerzijde verder).

Wapens van Oostenrijk, Bourgondië en Brabant
Keerzijde: Gekroond wapenschild met meerdere kwartieren, aan weerszijden van de kroon het jaartal. Tekst: ARCHID. AVST. DVX. BVRG. C. FLAN. (of variant). Dit is voluit: archidux Austria dux Burgundie comes Flandrie, en betekent: aartshertog van Oostenrijk, hertog van Bourgondië en graaf van Vlaanderen.
Karel II gebruikte dezelfde wapenschilden als zijn voorganger op de koperen munten van Vlaanderen.

1 = Castilië (Kasteel).
2 = Leon (Leeuw met gouden kroon).
3 = Aragon (4 rode palen).
4 = Sicilië (Bestaat uit de 4 rode palen van Aragon en de adelaar van Hohenstaufen).
5 = Portugal (5 blauwe schildjes in een rand van 7 gouden kasteeltjes).
6 = Oostenrijk (Zilveren faas).
7 = Bourgondië (3 schuine balken in blauw en goud).
8 = Valois (3 Lelies).
9 = Brabant (Gouden leeuw).
10 = Vlaanderen (Zwarte leeuw).
11 = Tirol (Rode adelaar).
Muntmeester: Jean François de la Derrière 1686 – 1700
Muntteken: ![]()
Slagplaats: Brugge

Op 11 september 1689 kreeg muntmeester de la Derrière een paspoort om 12.000 mark koperen plaatjes via de Nederlanden naar Brugge te transporteren om daar oorden van te slaan. Op 11 juni 1693 werd hem wederom een paspoort verleend voor de hoeveelheid van 20.000 mark koperen plaatjes. Deze hoeveelheden plaatjes waren goed voor ca. 2.048.000 stuks oorden. Op 15 april 1693 is ook een paspoort verleend voor 60.000 stuks koperen plaatjes voor de muntmeesters van Brabant en Vlaanderen. Hoeveel er hier van naar ieder munthuis zijn gegaan is mij niet bekend.
Geslagen aantallen:
Periode 4 januari 1690 tot 14 april 1693 ca. 3.817.952 stuks.
Periode 2 augustus 1693 tot 15 januari 1696 ca. 5.271.160 stuks.
Periode 16 januari 1696 tot 3 juli 1700 ca. 9.223.440 stuks.
Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk.
VLA.20
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Robin Verbeek
Materiaal: Zilver
Diameter: 40 mm
Gewicht: 34 gr
Hier duidelijk het werk van een leerling stempelsnijder
Voorzijde: Borstbeeld van Philips II naar links. Tekst: normaal: PHS.D.G.HISP.ANG.Z.REX.DVX.GEL.1558 ° (retrogade N in ANG): hier: PHS.D.G.S.HIP.AИGZREX.DWX.GELR.1558 °
Keerzijde: normaal: Gekroond Spaans-Oostenrijks-Bourgondisch wapen, vergezeld van twee vuurstalen, geplaatst op een kruis van knoestige stokken en dragende het kleinood van de ‘ Orde van het Gulden Vlies ‘. Tekst: DOMINVS.MIC-HI.ADIVTOR met Gelder kruis: hier: het kroontje staat niet centraal en het “Gulden vlies lijkt verzakt te zijn tussen MICHI. Normaal lezen we DOMINVS.MICHI.ADIVTOR wat betekent ‘ De Heer is mijn helper ‘ en nu DOMINVS IIIIC/HI.ADIVTOR
Slagplaats: Nijmegen
Gedetermineerd door Eric Aerts & Paul Callewaert
Gevonden door Bruno Tielemans
Materiaal: brons
Diameter: 18 mm
Gewicht: 3,35 gr
Voorzijde: Centraal de denominatie en jaartal in twee regels: 2 1914
Keerzijde: Tweekoppige keizerlijke arend met het wapen van Habsburg-Lorraine op de borst.
Graveur: Anton Scharf, Andreas Neudeck
Slagaantal: 60.674.000
Gedermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Robin Verbeek
Materiaal: zilver 576 / 1000
Diameter: ?
Gewicht: ?
Voorzijde: Gekroond stadswapen van Groningen, gesplitste waardeaanduiding ter weerszijden 6 S. Jaartal 1691 boven de kroon. Tekst: MO.NO.ARG.CIV.GRONINGAE
Keerzijde: Geharnaste ridder met geheven zwaard. Gezeten op een naar rechts galopperend paard. Tekst: CONCORDIA.RES.PARVÆ.CRESCVNT zeemeerman.
Muntmeester: Egbert Marinus 1690-1693
Muntmeesterteken: Zeemeerman.
Gevonden door Luc Van der Linden
Materiaal: koper
Diameter: 22 mm
Gewicht: 1,70 gr
Voorzijde: In vijf regels ✿ adelaar ✿ / OVER / YSSEL / 1766 • / Onder het jaartal staat een klein borstbeeldje van Prins Willem V met lauwertakjes omgeven.
Keerzijde: Gekroond wapen van Overijssel, hierin staat een klauwende leeuw met op de achtergrond een golvende lijn wat de rivier de IJssel moet voorstellen.Tekst: VIGILATE ET ORATE Dit betekent: waakt en bid. ( Op deze munt helaas niet meer zichtbaar )

Wapen van Overijsel
Muntmeester: Nicolaas Wonneman van 1763 – 1809
Muntmeesterteken: adelaar
Slaglaats: Kampen van 1710 – 1809
Dit type met het borstbeeldje van Willem V is speciaal geslagen ter gelegenheid van het feit dat hij in dat jaar (1766) officieel zijn benoeming tot stadhouder aanvaarde. Dit type is nu ook in koper teruggevonden met het jaartal 1767 en is van de allerhoogste zeldzaamheid. Deze koperen duit werd in de jaren 1785-1788 “herontdekt” toen men hem massaal ging omwerken tot draagteken of penning. In deze periode ontstond een bijna burgeroorlog tussen de patriotten enerzijds en de Oranje aanhangers anderzijds. De Oranje aanhangers gebruikten o.a. deze duiten in omgewerkte vorm om hun steun jegens stadhouder Willem V te laten blijken. De duit werd door de enorme vraag zelfs zo schaars dat hij op het laatst voor een gulden verkocht werd!!
OVE.16
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Tufan Ozdemir

Materiaal: koper
Diameter: 22 mm
Gewicht: 2,6 gr
Voorzijde: Een cirkel van streepjes met daarin ✶♜✶ en daaronder ZEE LAN DIA in drie regels en het jaartal. ( Op deze munt niks meer te zien, amper het jaartal )
Keerzijde: Een gekroond wapenschild met leeuw in de golven..Tekst: LUCTOR ET EMERGO (of variant). Dit betekent: ik worstel en kom boven.

Wapen van Zeeland
Muntmeester: Petronella Holtzhey-Slob met Johan Lod. Molter 1788 – 1799
Muntteken: ♜
Slagplaats: Middelburg
Wettelijk voorschrift: (mij) niet bekend.
Van dit type komen veel stempelwijzigingen voor welke in het algemeen vrij gemakkelijk te ontdekken zijn. De stempelwijziging 1797/96 lijkt zelfs meer voor te komen dan het ‘gewone’ jaartal 1797. Een exemplaar uit 1794 is bekend met de klop rad of rozet, zie HIER een afbeelding. Deze klop is ook voorgekomen op een Westfriese duit 1739 en op een Gelderse duit van het type GEL.147 (waarschijnlijk 1761).
Van dit type komt in ieder geval een incuse exemplaar voor, zie hier. Incuse exemplaren konden ontstaan als een munt aan het stempel bleef plakken en men vervolgens een nieuw muntplaatje sloeg waardoor de aangekleefde duit de afdruk maakte ipv het stempel.
ZEE.18
Gevonden door Luc Van der Linden
Materiaal: brons
Lengte: 30 mm
Hoogte: 15 mm
Gewicht: 22,95 gr
Bikkels zijn van alle tijden….de Romeinen speelden ermee en zouden het spel meegebracht hebben. Oorspronkelijk waren bikkels van kootjes ( sprongbeen) van geiten of schapen gemaakt. De bronzen behoren meestal tot de oudst voorkomende.
Gedetermineerd op facebook