Æ Sesterius: Hadrianus 122 – 125 n.Chr

Gevonden door Freek En Griet Meldert ( ID-206927 )

Materiaal: brons

Diameter: 30 mm

Gewicht: 15 gr

Voorzijde: Galauwerde en gedrapeerde buste met kuras naar rechts. Tekst: IMP CAESAR TRAIAN HADRIANVS AVG

Keerzijde: Hadrianus in militair uniform te paard, met opgeheven rechterhand, galopperend naar links. Tekst: IMP CAESAR TRAIAN HADRIANVS AVG, in het veld S / C en in de afsnede EXPED AVG

Slagplaats: Rome

Lit: RIC 613b; Cohen 592

Gedetermineerd door Jelle Venema

Hadrianus ( Publius Aelius Hadrianus ) werd op 24 januari 76 geboren te Italica in Zuid-Italië. Hij was Romeins keizer van 117 – 138. Hadrianus was een neef van keizer Trajanus. Vlak voor diens dood wees hij Hadrianus aan als zijn opvolger. Hij was humanist en had een liefde voor de Griekse cultuur. Hij bouwde onder andere de muur van Hadrianus in Britannia en versterkte de positie van het Romeinse Rijk en trok zich zelf terug uit enkele gebieden (Armenia, Mesopotamië) om de verdediging makkelijker te maken. Hij was openlijk homoseksueel en liet zelfs munten van zijn geliefde Antinous slaan, die hij na diens dood vergoddelijkte. Zijn opvolger Aelius stierf te snel, waarna hij Antoninus Pius adopteerde. Kort daarna overleed hij op 10 juli 138 te Baiae op 62-jarige leeftijd.

Motorplaatje: Fabrique Nationale d’Armes de Guerre S.A., Herstal 1901-1954

Gevonden door Stephanie Dros ( ID-206353 )

Materiaal: koperlegering

Diameter: 56 mm

Gewicht: 25 gr

FN werd opgericht in 1889. In 1898 bouwde men er een fiets met asaandrijving en in 1900 een grotendeels houten auto. In 1896 waren er al proeven gedaan met driewielers die leken op de De Dion-Bouton en werden aangedreven met een petroleummotor. Er werden motorfietsen geproduceerd van 1901 tot 1959.

Mogelijk ook van een wagen

Referentie

Gedetermineerd op Facebook

Provincie Overijssel: rijderschelling ( van 6 stuiver ) 1690

Gevonden door Kiss Imre ( ID-206275 )

Muntheer: Provincie Overijsel

Materiaal: zilver 583 / 1000

Diameter: 328 mm

Gewicht: 3,6 gr

Voorzijde: Gekroond provinciewapen. Gesplitste waardeaanduidingen ter weerszijden van het wapen 6 / S. Jaartal 1690 tussen de fleurons van de kroon. Tekst: MO NO ARGEN ORD TRANS 

Keerzijde: Geharnaste ridder met sjerp om, en met geheven zwaard in de rechterhand, gezeten op een naar rechts galopperend paard. Tekst: CONCORDIA RES PARVÆ CRESCVNT 

Muntmeesterteken: Rozet ❀  

Muntmeester: Dirk van Romondt sr. 1675-1702

Slagplaats: Kampen

Referentie

Lit: Purmer Ov61

Gedermineerd door Eric Aerts

Middeleeuws schildvormig beslag: 14e eeuw

Gevonden door Marc Hendriks ( ID-206187 )

Materiaal: zilver met resten van emaille

Lengte: 24 mm

Gewicht: 4,5 gr

Type: Schildvormige applicatie (beslagstuk).

Voorstelling: Een leeuw ‘en regardant’ (terugkijkend) in hoogreliëf. De leeuw lijkt in zijn eigen staart te bijten, wat een krachtig circulair motief vormt binnen de schildvorm.

Materiaal/Techniek: Gegoten (waarschijnlijk een koperlegering of zilver, gezien de referentie naar de Pritzwalker zilvervondst). Het verdiepte vlak vertoont resten van emaille, mogelijk in de kleur paars/blauw, wat duidt op een kostbaar object.

Datering: 14e eeuw (Late Middeleeuwen).

Functie en Context: Dit onderdeel was van een kledingsluiting, zoals een haak-en-oogsluiting of een grote gespbroche. In de 14e eeuw was het mode om kleding te decoreren met talrijke kleine beslagstukken en luxueuze sluitingen die zowel functioneel als statusverhogend waren. De vlakke achterzijde zat ergens op gesoldeerd.

Symboliek: De ‘Leeuw met de Staart’ In de 14e-eeuwse iconografie is de leeuw die zijn sporen uitwist met zijn staart (zoals beschreven in de Physiologus) een direct symbool voor de Incarnatie: Christus die zijn goddelijkheid verbergt voor de duivel. De terugkijkende houding versterkt het aspect van waakzaamheid. Het bijten in de staart kan gelinkt worden aan de Ouroboros-symboliek (eeuwigheid), maar in een christelijke context benadrukt het vooral de zelfbeheersing en de cyclus van opstanding.

Conclusie: Dit is een prachtig voorbeeld van een 14e-eeuwse emaille-applicatie met een diepe religieuze en morele gelaagdheid. Het typeert de hoofse cultuur van die tijd, waarin gebruiksvoorwerpen werden doorweven met christelijke allegorieën.

Bron: Der pritzwalker silberfund schmuck des späten mittelalter

Gedetermineerd door Wessel Spoelder

Heilighangertje: 17e eeuw

Gevonden door Natan Van Raemdonck ( ID-205954 )

Materiaal: koperlegering

Diameter: 13 mm

Gewicht: 1,43 gr

Voorzijde: Ignatius van Loyola (1491-1556) en Francois Xavier (1491-1556)

 

Keerzijde: Teresa van Avila (1515-1582), Isidore de ploeger (ca. 1070-1130) en Philippe Neri (ca. 1070-1130)

Deze werden samen heilig verklaard door paus Gregorius XV in 1622.

Referentie

Gedetermineerd door Felix Maes

Oostenrijk – Hongarije: 20 kreuzer 1868 – 1872

Gevonden door Smeets Nick ( ID-204281 )

Materiaal: zilver 500 / 1000

Diameter: ?; uitgifte: 21 mm

Gewicht: ?; uitgifte: ca. 2,7 gr

Voorzijde: Gelauwerd hoofd naar rechts. Tekst beginnend op 7u: FRANC·IOS·I·D·G·AVSTRIAE IMPERATOR

Graveur: Josef Tautenhayn

Keerzijde: Gekroonde dubbelkoppige keizerarend met denominatie 20 op borst. Tekst: Gekroonde dubbelkoppige keizerarend met denominatie 10 op borst. Tekst: HVNGAR·BOHEM·GAL·LOD·ILL·REX A·A· jaartal

Graveur: Franz Gaul

Slagplaats: Wenen

Slagaantal: ?

Frans Jozef I van Oostenrijk

Referentie

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts

Denarius: Vespasianus 72 – 73 n.Chr.

Gevonden door Dave van Rekom ( ID-204281 )

Materiaal: zilver

Diameter: 13 mm

Gewicht: 4 gr

Voorzijde: Gelauwerd hoofd naar rechts. Tekst: IMP CAES VESP AVG P M COS IIII

Keerzijde: Concordia zittend naar links met een patera in de linkerhand en een hoorn des overvloeds in de rechterhand vast. Tekst: CONCORDIA AVGVSTI

Slagplaats: Antiochië 

Lit: RIC-1554;  RSC 74; RPC 1927

Gedetermineerd door Andre van Erkom

Titus Flavius Vespasianus, bekend als Vespasianus werd geboren in Falacrinae, een dorpje ten noordoosten van Rome op  17 november 9 als zoon van Titus Flavius Sabinus (vader) en Vespasia Polla (moeder). Hij Romeins keizer van 1 juli 69 tot 23 juni 79. In het jaar 69 na Christus kwam er een ommekeer in het Romeinse Rijk. Na de dood van Nero, de laatste keizer van het Juliaans-Claudiaanse huis, streden in het vierkeizerjaar een aantal pretendenten om de troon. Vespasianus wist deze burgeroorlogen in zijn voordeel te beslissen en werd de eerste Romeinse keizer uit de Flavische dynastie. Als keizer droeg hij de naam Imperator Caesar Vespasianus Augustus. Tijdens zijn tienjarige heerschappij slaagde hij erin om het Rijk zowel politiek als financieel te stabiliseren. Hij stelde zijn heerschappij in de lijn van de Juliaans-Claudiaanse traditie. Hierbij knoopte hij met name aan bij Augustus en probeerde hij zo veel mogelijk afstand van Nero te nemen. Voor de pax Augusta kwam een pax Flavia in de plaats. Zijn fiscale beleid drong de tijdens het bewind van Nero opgebouwde staatsschuld sterk terug en stelde hem in staat een actief bouwprogramma uit te voeren; De budgettaire situatie verbeterde voornamelijk door invoering van nieuwe belastingen, herinvoering van eerder afgeschafte belastingen en belastingverhogingen. Vespasianus bevorderde kunst en literatuur en maakte zich sterk voor de integratie van de belangrijke Italiaanse families in de Senaat. Door zijn militaire ervaring en connecties, bekwame propaganda en grotendeels uitstekende relatie met de Senaat, was hij een populaire en succesvolle keizer. Toen Vespasianus aantrad, werd Rome op vele plekken ontsierd door brandschade en vervallen gebouwen. Hij gaf daarom toestemming aan wie dat maar wilde braakliggend terrein in bezit te nemen om er zelf iets te bouwen. Hij zorgde ervoor dat het Capitool herbouwd werd, waarbij hij zelf symbolisch de eerste stukken puin wegdroeg. Verder liet hij een tempel voor de vrede en een tempel voor de vergoddelijkte Claudius bouwen. Door alle willekeur van Caligula en Nero was het aanzien van de keizer niet geweldig. Om zijn positie onder het volk te versterken begon Vespasianus met de bouw van het Colosseum: een enorme schouwburg die vijfenzeventigduizend toeschouwers kon herbergen (50.000 zitplaatsen en 25.000 staanplaatsen). Aan de bouw hiervan zou verder gewerkt worden onder het bewind van Titus en Domitianus zou het Colosseum afmaken. De ruïnes ervan zijn nog steeds een trekpleister voor toeristen. Vespasianus was zich bewust van zijn nederige afkomst en gedroeg zich als keizer zo veel mogelijk als een gewoon burger. Ook had hij respect voor het volk. Zo trok hij, in tegenstelling tot zijn voorgangers, zelf zijn kleren aan, en werden mensen die zijn stamboom probeerden terug te voeren tot de stichters van Reate, door hem in hun gezicht uitgelachen. Vespasianus gedroeg zich lankmoedig tegenover anderen en nam geen wraak op personen die hem voor zijn keizerschap onheus bejegend hadden. Veel dingen deed hij met een grapje af. Zo had Mestrius Florus, een oud-consul, Vespasianus erop gewezen dat hij “plaustra” en niet ”plostra” moest zeggen. De volgende dag sprak Vespasianus hem aan met “Flaure” in plaats van zijn naam (bij aanspreking in de vocatief) Flore (‘Flaure’ verwijst wellicht naar Grieks φλαῦρος, dat zoiets als ‘sjofel’ betekent). Dat Vespasianus humor bezat bleek zelfs bij zijn overlijden. Naar verluidt zouden zijn laatste woorden zijn: “Ik geloof dat ik nu een god ga worden.” Ook tijdens de begrafenis werden er nog grappen gemaakt over de legendarische zuinigheid van Vespasianus. Het was gebruikelijk dat tijdens een begrafenis een acteur de overledene imiteerde. De acteur die een masker van Vespasianus droeg, vroeg hoeveel de begrafenis kostte. Toen er gezegd werd dat dit tien miljoen sestertiën was, riep de acteur dat ze hem honderdduizend sestertiën moesten geven, en zijn lijk maar in de Tiber moesten gooien. Vespasianus stierf op 23 juni 79 op 69-jarige leeftijd.

Roemenië: 50 Bani 1873

Gevonden door Smeets Nick ( ID-204265 )

Materiaal: zilver 835 / 1000

Diameter: ?; uitgifte: 18 mm

Gewicht: ?; uitgifte: 2,5 gr

Voorzijde: Binnen een samengebonden krans van laurier- en eikentakken een Roemeense kroon met daaronder het jaartal 1873. Onder de krans  de naam STERN van de graveur, en bovenaan de munt bevond zich het muntteken van de munt in Brussel. 

Keerzijde: In het veld boven een kleinere samengebonden krans van laurier- en eikentakken de waarde 50 BANI. Bovenaan ROMANIA

Graveur: Stern

Muntteken:

Slagplaats: Brussel

Slagaantal: 4.810.000

Het enige andere jaar waarin deze munt werd geslagen was 1876, met 2.116.980 exemplaren van dezelfde munt. De munt stond in de Roemeense regio Moldavië (nu de natie Moldavië ) bekend als een Dutcă, naar de zilveren munten van Polen en Rusland die in Roemenië circuleerden. In de regio Walachije stond hij bekend als een băncutjă

Carol I van Roemenië

Referentie

Referentie

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts