Luik: Zilveren griffioen.

Gevonden door Peter Peeters ( ID-191466 )

Muntheer: Jan van Beieren, prinsbisschop van Luik, 1389-1418

Materiaal: zilver

Diameter: ?; ca. 27 mm

Gewicht: ?; ca. 2,2 gr

Voorzijde: Het wapenschild van Beieren – Palts gehouden door een griffioen naar links. Tekst: ✠ IOh’S:DЄ:BAVAIA:ЄL’C:LЄOD:Z:C’:L’; interpunctie twee andrieskruisjes boven elkaar .

Keerzijde: Lang gevoet kruis tot aan de rand, gelegen over een dubbele vierpas, op het hart van het kruis is een vierpas met uitstaande hoeken gelegen met daarin het wapenschild van Beieren. Tekst onderbroken door de armen van het kruis: ✠ MOnЄ / TA:NOV / A:LЄOD / IЄHCIS; interpunctie twee andrieskruisjes boven elkaar .

Datum: z.j. ca. 1389

Slagplaats: Luik

Jan van Beieren

Lit: Dengis 613; Vanhoudt atlas G 980; Chestret 290

Gedetermineerd door rimidi

Opengewerkte Limoges gespplaat: late 12e eeuw – eerste helft 14e eeuw

Gevonden door Benito Vantorre ( ID-191107 )

Materiaal: geëmailleerde koperlegering

Afmetingen: 31 mm / 33 mm

Gewicht: 7,9 gr

Gedetermineerd door Benito Vantorre

Rekenpenning graafschap Vlaanderen, type “Leeuwenschild”, Lodewijk van Male, ca. 1346-1384.

Gevonden door Glenn Demeyere ( ID-190964 )

Materiaal: koperlegering

Diameter: ?

Gewicht: ?

Voorzijde: Wapenschild met klimmende leeuw van Vlaanderen. Tekst: ✠ LES : GETOVERS : DE : LA

Keerzijde: Recht driebenig gefleureerd en gelelied kruis met een centraal vierblad, binnen een dubbele vierpas met in de buitenhoeken drieblaadjes tussen kruisjes.

Literatuur: M. Mitchiner, Volume I, blz. 251, No. 785 (variant)

Gedetermineerd door Jan Ooms

Pseudo muntspeld/draaginsigne naar model “Frans goudstuk”: ca. 1296 – 1500

Gevonden door Jimmy Deschrijvere ( ID-190701 )

Materiaal: tin

Diameter: 28 mm

Gewicht: ?

Voorzijde: Binnen een twee lijncirkels een pseudo-omschrift in gotische letters. Binnen een vierpas, de boogpunten versiert met lelies, de vrije buitenhoeken  gevuld met een kroontje. De vrije buitenhoeken, gevuld met een kroontje, de kruisarmen eindigen met een lelie. Centraal een hartschild waarin een (passer) punt.

Keerzijde: Gelegen in het veld overlangse gietnaad. Draagspeld nog aanwezig.

Datering: z.j. ca. 1296-1500.

Aanmaakplaats: z.pl. Onbekend.

Lit: H.J.E. van Beuningen, A.M. Koldeweij, D. Kicken. Cothen 2001, Heilig en Profaan deel II pag.489 e.v.

Referentie FG 02

Gedetermineerd door Paul Callewaert