Voorzijde: Wapenschild Engeland met drie gaande leeuwen. Tekst: + MEMENTO DOMINE MEI
Keerzijde: Open vierbenig leliekruis met centrale lelie Omschrift: AVE MARIA GRACIA PLE
Opmerkingen: Geslagen in de Engelse provincies op Franse bodem tot aan de verdrijving in 1453. Zeer zeldzaam !!
Lit: Rouyer en Hucher, “Histoire du Jeton au Moyen Age”, Pl. 17, no. 141 (voorbeeld, variant); Feuardent 11548-48a; Mitchiner, Volume I. blz. 133, No. 328.
Voorzijde: Gelauwerde en gedrapeerde buste met kuras naar rechts. Tekst: CONSTANTINVS AVG
Keerzijde: Constantijn I, als Prins der Jeugd, staande naar voor in militair tenue, hoofd naar rechts, met een speer in zijn rechterhand en een wereldbol in zijn linkerhand. Tekst: PRNCIPII VV ENTVTIS en in de afsnede POST
Slagplaats: Ostia
Uiterst zeldzame vondst, dit zou de tweede munt (of geen munt ?) zijn die bekend is !! Binnen- en buitenlandse experts verklaarden vrijwel onmiddellijk dat beide munten waarschijnlijk met dezelfde stempel zijn geslagen. Determinatie kan nog aangepast worden !
De precieze naam van het munttype ? is niet bekend, maar het is op basis van de massa een 1½ scripulum, wat overeenkomt met een waarde van 3/8 solidus (gouden munt) of 9 siliqua (zilveren munt). In de numismatiek wordt dit munttype daarom doorgaans aangeduid met 1½ scripulum of ‘nine siliquae’. De scripulum was 1/288 van een Romeins pond (gewichtsmaat) en omdat er 24 zilveren siliquae in een gouden solidus gaan, wordt de munt dus ook een 9 siliquae genoemd (3/8 x 24 = 9).
Wat betreft het doel van deze muntuitgifte en het gaatje: het kan erop wijzen dat de munt niet bestemd was voor het normale transactieverkeer, maar vanwege z’n hoge zeldzaamheid en onhandige massa – beschouwd als een ceremoniële uitgifte, bijvoorbeeld ter gelegenheid van een festiviteit, inwijding van een tempel, jubileum of een militaire overwinning. In geval van dit laatste kan het ook gaan om een zogeheten ‘donativum’, een soort bonusuitreiking aan de hoogste rangen van het leger. Ook deze munt zou dus perfect in die traditie passen. Veel van dit soort munten zullen na uitreiking op den duur zijn omgesmolten, wat de zeldzaamheid verklaart.
Gedetermineerd door Anton Cruysheer, ….
Flavius Valerius Constantinus of Constantijn I, Constantijn de Grote werd geboren op 27 februari 272 ? te Naissus in Moesia. Hij was Romeins keizer van 25 juli 306 tot 22 mei 337. Op 19 september 324 werd hij alleenheerser, na Licinius verslagen te hebben in diverse veldslagen. In 307 werd hij Augustus. Hij was de eerste keizer die zich tot het christendom bekeerde. Dat deed hij na de slag bij de Milvische brug waarin Maxentius werd verslagen. Hij liet in de slag het christenteken (labarum) op de schilden van zijn manschappen schilderen en droeg daarna de overwinning op aan de christelijke god. In de lente van 337 werd Constantijn te Nicomedia door een ernstige ziekte getroffen, waaraan hij op 22 mei bezweek, na tevoren door Eusebius, de Bisschop van Nicomedia,te zijn gedoopt. Zijn lichaam werd naar Constantinopel overgebracht en in de kerk van de ‘heilige apostelen’ bijgezet. Constantijn werd 65 jaar.
Muntheer: Philips IV, als graaf van Bourgogne, 1621-1665.
Materiaal: zilver
Diameter: 21 mm; uitgifte ca. 23 mm
Gewicht: 2,4 gr; ca. 2,40/2,95 gr bij uitgifte.
Voorzijde: Een gekroond Bourgondisch stokkenkruis waaraan het juweel van het Gulden Vlies hangt. Ter weerszijden het gesplitste jaartal 1622. Tekst: PHIL • IIII • D • G • REX • HISP • INDIAR • Zc; of variante
Keerzijde: Gekroond wapenschild van Philips IV met ter weerszijden een gekroond vuurijzer met vonken. Tekst: ARCHID • AVST • DVX • ET • COM • BVRG • Zc
Datum: 1622
Slagplaats: Dôle
Opmerking: Van het jaartal 1622 zijn er het hoogst aantal stukken (81,83%) teruggevonden.
Voorzijde: Borstbeeld van Philips II zonder kroon, naar links of rechts. Tekst: PHS. D:G. HISP. Z. REX. DVX. BRA (of variant). Voluit: Philipus Dei gratia Hispaniarum z rex dux Brabant wat betekent: Philips Gods gratie koning van Spanje en hertog van Brabant.
Keerzijde: Gekroond wapenschild van Oostenrijk-Bourgondië. Om het wapen heen hangt de keten van de orde van het gulden vlies. Tekst: PACE. ET. IVSTITIA. (of variant), dit betekent: vrede en gerechtigheid.
1 = Wapen van Oostenrijk (in rood een zilveren dwarsbalk). 2 = Wapen van nieuw Bourgondië (blauw bezaaid met gouden lelies). 3 = Wapen van oud Bourgondië (geschuinbalkt van goud en blauw, rood omzoomd). 4 = Wapen van Brabant (in zwart een gouden leeuw, rood getongd). 5 = Wapen van Vlaanderen (in goud een zwarte leeuw, rood getongd).
Datum: z.j.
Muntteken:
Muntmeester: Gertrude Sangers 1579 – 1581
Slagplaats: Antwerpen
Deze Statenoorden werden geslagen met een gewicht van ca. 7,24 gram (34 uit een mark).
Muntheer: Henri IV, “Le Grand”, koning van Frankrijk, 1589-1610
Materiaal: biljoen 240 / 1000
Diameter: 23 mm
Gewicht: 2,17 gr; uitgifte: 2,3999 gr
Voorzijde: Gekroond wapenschild van Frankrijk, ter weerszijden de letter H. Tekst beginnende op 12 uur: ✠ of muntteken HENRICVS IIII D G FRAN ET NAV REX.
Keerzijde: Kort ankerkruis met in elk kwartier een kroontje. Tekst: ✠ of muntteken SIT NOMEN DNI BENEDICT(VM) muntteken ( ?) 15xx
Jaartal: n.n.t.b. 1593-1601 hier beginnende met 15xx, dus 1593 tot 1599