Gevonden door Brynckminator Brynckminator

Materiaal: gegoten koperlegering
Diameter: ?
Gewicht: ?
Gedetermineerd door Brynckminator Brynckminator
Database van Metaaldetectie Vlaanderen vzw. Elk stukje metaal heeft een verhaal.
Gevonden door Brynckminator Brynckminator

Materiaal: gegoten koperlegering
Diameter: ?
Gewicht: ?
Gedetermineerd door Brynckminator Brynckminator
Gevonden door K de Baere
Materiaal: zilver
Diameter: 27 mm
Gewicht 2,9 gr
Voorzijde: Wapenschild van Bourgondië gelegen op een gebloemd kruis dat de legende onderbreekt. Tekst: ✠ SALVV:FAC:PPLM:TVV:DNE:
Keerzijde: Twee leeuwen gezeten en naar elkaar gewend, erboven een vuurijzer. Tekst: ✠ KAROL:DEI:GRA:DX:BG:BRA:Z:LI
Datum: 1479

Lit: Vanhoudt H 45
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Brynckminator Brynckminator
Materiaal: koperlegering
Afmetingen: 13,65 mm / 12,90 mm / 3,6 mm
Gewicht: 4,54 gr
Voorzijde: Schild in ruitvormige omlijsting. Het wapenschild is gearceerd, te midden van de elkaar kruisende lijnen zijn opstaande punten aangebracht
Keerzijde: Blanco
Muntgewicht voor een gouden ‘ ecu d’or à la Chaise ‘ en zijn imitaties, toegeschreven aan Brugge. Vermoedelijk geslagen onder Philippe VI de Valois 1328 – 1350. Koning van Frankrijk ca. 1337
Lit: ‘ Gezocht en Gevonden ‘ onder nummer 7.3.3 op pagina 69
Gedetermineerd door Paul Callewaaert
Gevonden door Eric Aerts
Materiaal: koper
Diameter: 32 mm
Gewicht: 12 gr
Voorzijde: Met bonnet gekroond en gevierendeeld sterk ingebogen wapenschild gelegen op een schuin kruis gemaakt van een staf en een degen. De onderzijde van het wapenschild onderbreekt de tekst. In kwartier 1 en 4 het wapen van Palatinat (leeuw) en in kwartier 2 en 3 het wapen van Beieren (ruiten). Aan weerszijden van het wapen de waarde aanduiding 4 – L (vier liards). Tekst: I. THEOD. CAR. D. G. BAV. D (of variant). Dit is voluit: Johannus Theodorus cardinalis dei gratia Bavaria dux. Dit betekent: Johann Theodor, kardinaal, bij Gods gratie hertog van Beieren.

Wapen van Beieren-Palts
Keerzijde: In het centrum een met bonnet gekroond wapenschildje met daarin het perron van Luik. Om dit wapenschildje zijn in een kruisvorm vier andere wapenschildjes geplaatst. Dit zijn de wapens van Loon (boven), Franchimont (rechts), Horne (onder) en Bouillon (links). Het bovenste wapen onderbreekt de tekst. In de vlakken van het door de de wapenschildjes gevormde kruis staan de cijfers van het jaartal. Tekst: EP. ET. PRIN. LEO. DVX. B. M. F. C. L. H (of variant). Dit is voluit: episcopus et princeps Leodiensis dux Bulloniensis marchionis Franchimontis comes Losensis Hornensis. Dit betekent: prinsbisschop van Luik, hertog van Bouillon, markies van Franchimont, graaf van Loon en Horne.

Perron van Luik

Wapens van Loon, Franchimont, Horne en Bouillon
Slagplaats: Luik
LUI.87
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Eric Aerts
Materiaal: koper
Diameter: 17 mm
Gewicht: 2 gram
Voorzijde: DVC CLIVIÆ ( jaartal 1696 ) in drie regels omgeven door versieringen.
Keerzijde: Gekroond wapen van Kleef, vastgehouden door 2 leeuwen. Onder het wapen is een versiering aangebracht.

Wapen van Kleef
Muntmeester: ?
Slagplaats: Kleef
Munt geslagen onder Friedrich II von Brandenburg, hertog van Kleef 1688 – 1701.
Op 5 juli 1695 verscheen een plakkaat van de Staten-Generaal waarin de Kleefse duiten met name werden genoemd als verboden payement. De stad Haarlem vaardigde op 9 oktober 1697 ook een verbod uit tegen Kleefse duiten. Het jaartal 1698 is ooit gemeld bij het KPK maar staat voorlopig nog met een X (niet aangetroffen) totdat ik een overtuigend exemplaar heb gezien. Mogelijk kunnen ook de jaren 1693 en 1694 bestaan maar deze heb ik tot nog toe nergens aangetroffen. In de vondst “Brabant 1701” zaten 172 Kleefse duiten waarvan 163 van dit type. Dit grote aantal geeft aan dat deze duiten in grote hoeveelheden de Nederlanden binnendrongen en voor overlast zorgden. Opvallend is dat tussen de exemplaren in deze vondst het jaartal 1698 niet aanwezig was, alleen de jaren 1692, 1695, 1696 en 1697 en ook de jaartalwijzigingen 1696/95 en 1697/96. Van 1696 bestaat een stempel waarbij de L in CLIVIAE in het midden een extra horizontaal stukje heeft, zie HIER een afbeelding.
NB: In de vondst “Brabant 1701” zaten een vijftal valse Kleefse duiten met afwijkende tekening van de leeuwen en het wapen en met afwijkend lettertype. Ook waren 3 exemplaren aanwezig met op de voorzijde de tekst DVC CLIVIAE in afwijkend lettertype en op de keerzijde het wapen van Utrecht (1x) en een gekroond wapen met een leeuw naar links (2x). Een andere aardige vervalsing is een type met de foute tekst CILVIAE en het wapen van Utrecht op de keerzijde. Een mogelijke herkomst van deze duiten kan Gronsveld zijn omdat de wapens op de keerzijde gelijkenis vertonen met die op de Gronsveldse duiten van Jan Frans van Bronckhorst (type GRONS.16).
Voorschrift: geslagen volgens bepalingen geldend in het Duitse rijk.
KLE.8
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Eric Aerts
Materiaal: koper
Diameter: 25mm
Gewicht: 2 gram
Voorzijde: Gekroond Spaans wapenschild ( 2 ) tussen twee sterren. Tekst: ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G. (of variant), voluit: Albertus et Elisabeth Dei gratia en betekent: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie (de tekst gaat op de keerzijde verder).

1 = Hongarije (3 dwarsbalken).
2 = Bohemen (Leeuw).
3 = Castilië (Kasteel).
4 = Leon (Leeuw met gouden kroon).
5 = Sicilië (Bestaat uit de 4 rode palen van Aragon en de adelaar van Hohenstaufen).
6 = Portugal (5 blauwe schildjes in een rand van 7 gouden kasteeltjes).
7 = Oostenrijk (Zilveren faas).
8 = Bourgondië (3 schuine balken in blauw en goud).
9 = Valois (3 Lelies).
10 = Brabant (Gouden leeuw).
11 = Vlaanderen (Zwarte leeuw).
12 = Tirol (Rode adelaar).
Keerzijde: Wapen van Maastricht (ster) gelegen op een gekroond en scheef geplaatst stokkenkruis. Onder aan het schildje hangt het teken van de orde van het gulden vlies en aan weerszijden staat het jaartal. Tekst: ★ ARCHIDVCES. AVST. DVCES. BVRG. ET. B (of variant), voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant, wat betekent: aartshertogen van Oostenrijk, hertogen van Bourgondië en Brabant.

Wapen van Maastricht
Muntmeester: Adam Dries alias Driesch (7 januari 1611 aangesteld ) 1611 – 1616
Muntteken: Vijfpuntige ster ★
Slagplaats: Maastricht
Geslagen tot 1606 op de oude voet: 51 stuks per mark, gewicht ca. 4,82 gram. Na 1606: 64 stuks per mark, gewicht ca. 3,84 gram.
Uit de rekeningen blijkt dat er in de volgende periodes oorden zijn geslagen:
Periode 16 september 1601 t/m 26 september 1604 (Thielman Coomans) ca. 214.047 stuks.
Periode 23 november 1604 t/m 1606 (Thielman Coomans) ca. 29.771 stuks op de voet van 51 stuks uit een mark.
Periode 1606 t/m 15 september 1607 (Thielman Coomans) ca. 201.556 stuks op de voet van 64 stuks uit een mark.
Periode 23 september 1607 t/m 15 september 1610 (Thielman Coomans) ca. 803.088 stuks.
Periode 7 januari 1611 t/m 21 juni 1614 (Adam Dries) ca. 6.421.312 stuks.
Periode 21 juni 1614 t/m 13 april 1616 (Adam Dries) ca. 4.513.536 stuks.
Normaal is de ster van Maastricht zo geplaatst dat 1 punt omhoog wijst en de ster als het ware staat op 2 punten. Op exemplaren van 1608 komt de ster in het wapen gedraaid voor. Hij staat op 1 punt en 2 punten wijzen omhoog, zie dit exemplaar.
MAA.17
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Rens Dormans
Materiaal: brons
Diameter: 18 mm
Gewicht: 2 gr
Voorzijde: Binnen een parelrand de buste van Marianne met Frygische muts van de Republiek naar links. Tekst: REPUBLIQUE FRANÇAISE • Dupré •
Keerzijde: Binnen een parelrand in vier regels: UN CENTIME L’AN 6 • A
Ontwerper: Augustine Dupré
Algemeen graveur Parijs: Boogschietende Artemis
( Augustine Dupré 1795 – 1803 )
Muntmeesterteken Parijs:
Charles-Pierre de l’Espine ( 1797-1821 )
Muntteken: A
Slagplaat: Parijs
Slagaantal: 47.178.310
Jaar 6 ( l’an 6 ) loopt van 22 september 1797 tot 22 september 1798
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Patrick De Crom
Materiaal: goud 900 / 1000
Diameter: 22,5 mm
Gewicht: 6,72 gr
Voorzijde: Portret van Wilhelmina in hermelijnen mantel, kijkend naar rechts. Tekst: KONINGIN WILHELMINA. GOD ZIJ MET ONS.
Keerzijde: Gekroond Nederlands wapenschild tussen de waardeaanduiding 10 / G. Onder het wapen staat het jaartal 1911. Tekst: KONINGRIJK DER NEDERLANDEN.
Ontwerper: Johannes Cornelis Wienecke ( 1911 – 1917 )
Muntmeesterteken:
( C. Hoitsema 1909 – 1933 )
Slagplaats: ![]()
Slagaantal: 774.544
De gouden tientjes van koningin Wilhelmina zijn geslagen van 1892 tot en met 1933, in vier verschillende uitvoeringen in oplagen van slechts enkele tot vele miljoenen
Gedetermineerd door Eric Aerts