Nederland: 1 cent 1821 ( B )

Gevonden door Riemer Heinen ( ID-221583 )

Materiaal: koper

Diameter: 20 mm

Gewicht : 3,6 gr

Voorzijde: Gekroonde letter W tussen het jaartal 18 / 21

Keerzijde: Gekroond Nederlands wapen tussen 1 en de letter C.

Muntmeesterteken: palmtak ( G.D. Bourgogne Herlaer, 1821-1830 )

Muntteken: B

Slagplaats: Brussel

Slagaantal: 113.132

Willem I der Nederlanden

Referentie

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts

Engeland: Half groat (Annulet type) ca. 1422 – ca. 1430

Gevonden door Ary van Waart ( ID-221600 )

Muntheer: Henry VI van Engeland, 1422 – 1461 en 1470 – 1471

Materiaal: zilver

Diameter: 19,5 mm

Gewicht: 1,4 gr

Voorzijde: Gekroonde buste van de koning in vooraanzicht in een dubbele negenpas, klavertjes aan de binnenhoeken, een ringetje ter weerszijde van de nek. Tekst: ✙ hЄnRIC’x DI’x GRA’x RЄXx AnGL’ x Z x FR., (x = twee liggende kruisjes boven elkaar).

Keerzijde: Lang gevoet kruis tot aan de rand, in de kwartieren telkens drie bolletjes, in het tweede en derde kwartier nog een extra ringetje tussen de drie bolletjes. Tekst buitenbaan: ✙ POSVI °/ DЄVm xx A / DIVTOR / Є xx mЄVm. (x = twee liggende kruisjes boven elkaar). Tekst binnenbaan: VIL / LA xx / CAL / IS’ * , (x = twee liggende kruisjes boven elkaar)

Datum: z.j. ca. 1422 – ca. 1430

Slagplaats: Calais

Calais was toenmalig Engels bezit

Henry VI van Engeland

Lit: Spink 1840; North 1429

Gedetermineerd door Jelle Venema en rimidi

Nederland: 5 cent 1914

Gevonden door Riemer Heinen ( ID-221370 )

Materiaal: koper – nikkel

Diameter: 18 mm / 18 mm

Gewicht: 4,5 gr

Voorzijde: Vruchtdragende oranjetak waaromheen een dubbele cirkel. Tekst: KONINGRIJK • DER • NEDERLANDEN

Keerzijde: Parelrand met schelpen in de hoeken. Tekst: 5 C 19 / 14

Ontwerper: Johannes Cornelis Wienecke

Slagplaats: Utrecht

Slagaantal: 7.400.000

Wilhelmina der Nederlanden

Referentie

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts

Nederlands vleesaccijnslood: 19e eeuw – 20ste eeuw ?

Gevonden door Riemer Heinen ( ID-221532 )

Materiaal: lood

Afmetingen: 26 mm / 29,5 mm

Gewicht: 10,40 gr

Voorzijde: ACC / 169 

Keerzijde: Rijkswapen

Administratief nummer. Op de meeste accijnsloodjes staat een administratief nummer. Iedere belastinginspecteur had een eigen (priseer/plombeer)tang met hierin een nummer. Zo kon men zien wie desbetreffende goederen had gepriseerd/geplombeerd. Omdat dit vaak lokale mensen waren is het niet vreemd dat je in een bepaald gebied vaak hetzelfde nummer tegen komt. In dit onderzoek ga ik er vanuit dat de uitgaven van de nummers op volgorde is van laag naar hoog. De laagste nummers binnen een groep zijn dus ook de oudste binnen een groep. Over het algemeen wordt aangenomen dat aan het begin van de tweede wereldoorlog, men is gestopt met het aanbrengen van loden accijnszegels.

Referentie

Gedetermineerd door Adriaan Wagemakers en Herremans Eddy

Muntgewicht voor 1 Philipsgulden / Philippus-gulden: 17e eeuw

Gevonden door Pablo Declerck ( ID-221516 )

Materiaal: messing

Afmetingen: 13 mm / 13 mm

Gewicht: 1,7 gr

Maker: Gerard / Geeraerdt (van) Dunwalt ( werkzaam Antwerpen van – 1640 – 1644 – / – 1666 – / – 1667 – 1669 – )

Initialen: G D

Voorzijde: 1 Philipsgulden / Philippus-gulden

Keerzijde: parels hand kroon eikel

Voorbeeld 1644

Referentie

Gedetermineerd door Eric Aerts en Marco Sanders

Friesland: duit 1682

Gevonden door Riemer Heinen ( ID-221185 )

Materiaal: koper

Diameter: 20 mm

Gewicht: 2 gr

Een leeuwtje tussen twee versieringen, daaronder FRISIA in één regel en het jaartal tussen twee X-en. Onder het jaartal een rozet tussen versieringen.

Variant Jaartal met Arabische 1 waarvan de voet is gespleten en kleine leeuw boven FRISIA.

Keerzijde: Gekroond wapen van Friesland met twee gaande leeuwen boven elkaar. Het wapen heeft aan de rand weer versieringen (4).

Wapen van Friesland

Muntmeester: Daniël Valckenier 1659 – 1688

Muntteken:

Slagplaats: Leeuwarden

Ik schreef eerder dat aan de jaren 1684 en 1688 die hier en daar vermeld werden sterk getwijfeld moest worden. Het jaar 1684 is nu met duidelijk jaartal terug gevonden (zie foto) en is ook gemeld in het Fries museum te Leeuwarden maar deze kan ik nog niet bevestigen. Het KPK, nu opgenomen in het nationale geld en bankmuseum zou een 1688 bezitten maar deze heb ik daar niet terug gevonden. In het jaar 1687 zijn geen duiten geslagen en mogelijk wilde de muntmeester in 1688 hier weer mee beginnen maar werd hem dit verboden. De exemplaren die wel voor 1688 worden aangezien zijn van 1685. De 5 in dat jaartal is soms zo gevormd dat deze op een cijfer 8 lijkt. Van de jaren 1686 en 1691 bestaan valse exemplaren. Beide jaren zijn met 1 exemplaar aanwezig in de vondst Brabant 1701. Soms komen misslagen of foutslagen voor zoals DEZE van Friesland. Waarschijnlijk is een geslagen duit aan het stempel blijven hangen en heeft niet het stempel maar de aanklevende munt een zijde van de munt geslagen. Een exemplaar met het jaartal 1686 is bekend overslagen over een Franse Double Tournois, zie HIER.

Referentie

FRI.12

Gedetermineerd op facebook

Bedel-penning (M): ca. 17e eeuw

Gevonden door Pablo Declerck ( ID – 221501 )

Materiaal: lood / tin legering

Afmetingen: 17 mm / 19 mm

Gewicht: 4,5 gr

Voorzijde: Gelegen in een vierkant veld, de hoeken afgerond, de gekroonde gotische letter b (Stadsmerk van Brugge).

Keerzijde: Gelegen in een vierkant veld, de hoeken afgerond, centraal, de hoofdletter M (Mendiant / Bedelaar).

Datering: z.j. ca. 17e eeuw. ( De juiste datering is voor deze penning niet gekend ).

Aanmaakplaats: Brugge.

Referentie

Lit: P. Callewaert, 2024 Penninxckens van Brugghe,Bedelpenningen. pag.281 B.BP.03; Niet vermeld in de literatuur van A. Deschodt en Minard-Van Hoorebeke.

Gedetermineerd door Paul Callewaert