Gevonden door Marco Sanders
Materiaal: koper
Diameter: 22 mm
Gewicht: 2,16 gr
Voorzijde: Een vierbogige versiering (vierpas) met daarin de tekst CIV ZVTPHA NIA (of variant) in drie regels. Dit is voluit: civitas Zutphania, en betekent: stad Zutphen.
Keerzijde: Gekroond stadswapen, vastgehouden door twee leeuwen. De laatste twee cijfers van het jaartal staan tussen de kroon boven het wapen of onder het wapenschild.

Wapen van Zutphen
Datum: z.j. 1687
Muntmeester: Herman van Baijen 1686 – 1692
Slagplaats: Zutphen
Voorschrift: consent van het stadsbestuur van Zutphen van 20 en 30 juli 1687. Uit een mark 112 stuks is ca. 2,197 gram per stuk. De remedie bedroeg 4 stuks.
Deze duiten komen voor in de 1e muntbus opening van muntmeester Herman van Baijen. Deze bus verantwoorde wat was geslagen over de periode 1686-1692. De geslagen munten staan opgetekend in het muntboek van Zutphen over de jaren 1686-1692. Het nawegen van 5 exemplaren leverde twee maal een keurig gewicht op van 2,10 en 2,20 gram, dit is een beter gewicht dan van sommige provincie duiten. Drie andere exemplaren wogen echter slechts 1,60 – 1,70 en 1,85 gram. De berekende oplage door Mr. L.W.A. Besier van dit type is 63056 stuks. In het muntboek van Zutphen is slechts sprake van 2 partijen duiten. De eerste partij van 126 mark kwam gereed op 22 augustus 1687 en de tweede partij van 100 mark op 26 januari 1688. Dit vermelde aantal marken geeft een oplage van slechts ca. 27808 stuks. Het grote aantal nog overgebleven exemplaren doet vermoeden dat er veel meer zijn geslagen dan is vermeld. Hoe Besier aan een oplage van ruim 63000 kwam is mij niet bekend maar zelfs dit aantal is waarschijnlijk nog te laag berekend. Deze duiten komen zeer veel voor en worden veel in de bodem gevonden. In de vondst “Brabant 1701” is dit type zelfs vertegenwoordigt met 53 stuks. Tot nu heb ik 14 verschillende voorzijde en 15 verschillende keerzijde stempels kunnen ontdekken. Als er ca. 8000 stuks geslagen konden worden met een stempel voordat deze versleten was dan is een eerste voorzichtige schatting te maken van ruim 120.000 stuks. Deze duit is nagemaakt naar het voorbeeld van de duiten van Utrecht. Waarschijnlijk was dit type van Utrecht in die periode erg populair. Ook de stad Groningen heeft het type geïmiteerd in 1690 en Reckheim heeft een poging gedaan om het type na te maken. Door de gelijkenis met Utrecht zullen deze duiten gemakkelijker in het geldverkeer zijn aangenomen. De stempels voor deze duit zijn gesneden door Johan Sluyter. Bij waarschijnlijk slechts 1 stempel heeft hij de fout gemaakt om de cijfers van het jaartal om te draaien waardoor het jaar (16)78 in het stempel stond. Hij ontdekte deze fout en heeft de 7 in een 8 veranderd en de 8 in een 7. Er kunnen exemplaren voorkomen welke zijn geslagen over Franse double tournois, zie HIER een exemplaar met nog veel details van de oorspronkelijke Franse munt.
Referentie
ZUT.17
Gedetermineerd door Marco Sanders