Gevonden door Harald Corbeek

Materiaal: tin
Lengte: 85 mm
Dikte: 10 mm
Gedetermineerd door Pieter de Breuk
©Metaaldetectie Vlaanderen vzw – Metal Detecting Flanders -Détection de métaux en Flandres
Database van Metaaldetectie Vlaanderen vzw. Elk stukje metaal heeft een verhaal.
Gevonden door Milan Perez

Materiaal: koperlegering
Diameter: 21 mm
Gewicht: 1,85 gr
Voorzijde: Buste van de jonge vorst naar rechts met diadeem. Tekst: LVD . XV . D . G . FR . ET . NAV . REX .
Keerzijde: Tranquillity gezeten op een stoel naar links, met een kroon op de rechterknie. Tekst: LE . REPOS . SVIT . * LA . VICTOIRE . en in de afsnede: RECHN . PF / I . I . D .

Lit: M. Mitchiner, Volume I, blz. 524, No. 1868.
Gedetermineerd door Jan Ooms
Gevonden door Marco Evers

Muntheer: Op naam van de Katholieke Koningen van Spanje, Ferdinand en Isabella
Materiaal: zilver
Diameter: 25 mm
Gewicht: ? ca. 3,30 gr
Voorzijde: Gekroond wapenschild (type 15), ter weerzijden van het wapenschild ?. Tekst: FERNANDVS ET ELISA; interpunctie ringetje?.
Keerzijde : Een juk en acht pijlen samengebonden met een krullend lint, onderaan een “S” voor Sevilla. Teks: ✠ (D G) REX ET REGINA CAST LEGION A; of variant, interpunctie ringetje ?.
Datum: z.j. ca. 1469-1566
Slagplaats: S = Sevilla
Opmerking: Door de slechte bewaringstoestand kunnen niet alle details duidelijk onderscheiden worden.


Lit: Cayon-Castan, 1983, p 386, 2614; voorbeeld is variant met zes pijlen
Gedetermineerd door rimidi
Gevonden door Martine Delplace

Muntheer: Op naam van de Katholieke Koningen van Spanje, Ferdinand en Isabella
Materiaal: zilver
Diameter: 25 mm
Gewicht: 3,3 gr
Voorzijde: Gekroond wapenschild (type 17), links een T voor Toledo, rechts een M voor Manzanas. Tekst: FERNANDVS ET ELISABET D G; interpunctie ringetje.
Keerzijde: Een juk en zes pijlen samengebonden met een krullend lint. Tekst: ✠ REX ET REGINA CAST LEGION AR; interpunctie ringetje.
Muntmeester: M = Baltasar de Manzanas (ca. 1543-1553 te Toledo)
Slagplaats: T = Toledo

Lit: Cayon-Castan, 1983, p 386, 2629/2642.
Gedetermineerd door rimidi
Gevonden door René Hoenselaar

Materiaal: brons
Diameter: 19 mm
Gewicht: ?
Voorzijde: Gedrapeerde en geharnaste buste met pareldiadeem naar rechts, Tekst: D N MAG MAXIMVS P F AVG
Keerzijde: Keizer staande naar links, Victory op wereldbol in de linkerhand en met de rechterhand een knielende vrouw optillend. Tekst: REPARATIO-REIPVB, muntteken PCON in de afsnede
Slagplaats: Arles
Lit: RIC IX Arles 26a; Sear 20650.
Gedetermineerd door Andre van Erkom
Magnus Maximus, geboren in ? ( mogelijk in het jaar 335 ) te Gallaecia, Hispania. Hij was keizer over het westelijk deel van het Romeinse Rijk van in de lente 383 tot zijn dood op 28 augustus 388. In 383 was hij bevelhebber in Britannia en liet zichzelf door zijn troepen uitroepen tot keizer ten nadele van keizer Gratianus, die hij later versloeg en liet vermoordden. Het jaar daarop werd hij na onderhandelingen met Theodosius I uitgeroepen tot keizer van Britannia en Gallia. Gratianus broer Valentinianus II behield Italia, Panonia, Hispania en Africa. De ambitieuze Maximus viel in 387 Italië binnen en werd door Theodosius in 388 verslagen bij de slag aan de Sava. Hij werd gevangengenomen en geëxecuteerd bij Aquileia op 28 augustus 388. Zijn dood betekende het einde van de Romeinse invloed in Britannia en Gallia.
Gevonden door Theun Oostenbrug

Materiaal: zilver
Diameter: 18 mm
Gewicht: 2,20 gr
Voorzijde: Gelauwerde en gedrapeerde buste naar rechts. Tekst: IMP C M AVR SEV ALEXAND AVG
Keerzijde: Salus zittend naar links bij een altaar, een rijzende slang voedend. In de rechterhand een patera, linkerelleboog op de leuning van de stoel rustend. Tekst: P M TR P II COS P P
Slagplaats: Rome
Lit: RIC 32; RSC 239
Gedetermineerd door Andre van Erkom
Marcus Aurelius Severus Alexander, gekend als Severus Alexander werd geboren op 1 oktober 208 in Phoenicië. Hij was van 13 maart 222 tot aan zijn dood in maart 235 keizer van Rome. Hij was consul en princeps iuventutis, toen hij in 222 Heliogabalus opvolgde, die hem in 221 geadopteerd had. Hij stond sterk onder de invloed van zijn moeder Iulia Mammaea en zijn grootmoeder Iulia Maesa. Zorgvuldig opgevoed als hij was, streefde hij er ernstig naar een goed bewind te voeren, daarbij trouw geholpen door een troonraad, waarvan de juristen Paulus en Ulpianus deel uitmaakten. Zijn eerste regeringsjaren verliepen rustig. Het aanzien van de senaat steeg. Rechtspleging en onderwijs werden verbeterd, de handel bevorderd, ambtenaren bezoldigd. Nieuw was, dat voortaan ook de praefectus praetorio een senatoriaal gerechtelijk onderzoek kon leiden. Ondanks grote uitgaven, o.a. voor bouwwerken in Rome en wegenaanleg in de provincies, ondergingen de financiën een belangrijk herstel. Moeilijkheden berokkenden echter de soldaten, die onder Caracalla tot tuchteloosheid waren vervallen. De hoge donativa waarmee zij in het gareeel moesten worden gehouden, zijn kenmerkend voor hun grote invloed. In 228 vermoordden de praetorianen zelfs hun stenge gardeprefect Ulpianus. Het jaar daarop ontsnapte de consul Cassius Dio nauwelijks aan moordenaarshanden (later ging hij naar Bithynië, waar hij ook stierf (235)). In 235 reisde de keizer samen met zijn moeder naar Antiochë en bedwong daar enkele muiterijen. Ook bereidde hij er een actie voor tegen de Sassanide Ardasjir I, die Mesopotamië was binnengedrongen en Syrië en Cappadocië bedreigde. Na zijn triomf (233) wegens het herwinnen van verloren gebied riepen onheilsberichten hem naar de Rijn (235), waar zijn pogingen om vrede te kopen en zijn bevoorrechting van troepen uit het Oosten groot misnoegen wekten bij het leger. Dit schoof dan ook Maximinus Thrax als keizer naar voren. In opdracht van Maximinus werden Julia Mamaea en Severus Alexander in maart 235 in de buurt van Mogontiacum (het huidige Mainz) in hun tent in het legerkamp vermoord.
Gevonden door Nicky Ouwens

Materiaal: biljoen
Diameter: 20 mm
Gewicht: 3,8 gr
Voorzijde: Geharnaste buste met stralenkroon naar rechts. Tekst: IMP C CLAVDIVS AVG
Keerzijde: Salus staande naar links, een slang rijzend uit een altaar voedende. In de rechterhand een patera en in de linkerhand een scepter. Tekst: SALVS AVG
Slagplaats: Rome
Lit: RIC 98; Sear5 11366
Gedetermineerd door Balten De Temmerman
Marcus Aurelius Claudius “Gothicus” werd geboren op 10 mei 214. Hij was keizer van september 268 – januari 270. Claudius II werd keizer nadat een groot deel van legerleiding, waaronder de commandant van de wacht Aurelius Heraclianus in september 268 in de nabijheid van Mediolanum (het huidige Milaan) een coup uitvoerde tegen keizer Gallienus. Meer op de achtergrond waren Claudius en ook de toekomstige keizer Aurelianus met grote waarschijnlijkheid ook bij deze samenzwering betrokken. De gewone manschappen waren niet allemaal even blij met de greep naar de macht door Gallienus. Er dreigde even een opstand die alleen kon worden afgekocht met het beloven van een bonus van 20 aurei per man ter ere van het aantreden van de nieuwe keizer. Het keizerschap van Claudius II werd gekenmerkt door een opeenvolging van oorlogen.
Op het moment van zijn Claudius’ aantreden in september 268 was het Romeinse Rijk in ernstig gevaar door verscheidene invallen, zowel binnen als buiten haar grenzen. De meest urgente was een invasie van Illyricum en Pannonia door de Goten. Hoewel het leger tijdens het keizerschap van Gallienus de Goten al flinke schade had toegebracht in de slag bij Nestus, behaalde Claudius kort voor of kort nadat hij keizer was geworden in 268 in de slag bij Naissus zijn grootste overwinning, tevens een van de grootste in de geschiedenis van het Romeinse leger. In augustus/september 270 stierf hij op 55-jarige leeftijd aan de pest en werd onmiddellijk goddelijk verklaard door de Senaat, bij wie hij geliefd was.
Gevonden door Amine Beldjoudi

Materiaal: koper
Diameter: ? uitgifte: 28 mm
Gewicht: ? uitgifte: 9,35 gr
Voorzijde: Buste van Marianne met Frygische muts naar links. Tekst: REPUBLIQUE FRANÇAISE • Dupré ★
Keerzijde: 2 samengebonden eikentakken met centraal in 4 regels: CINQ CENTIMES L’AN 8. W
Ontwerper: Augustin Dupré
Algemeen graveur Parijs: boogschietende Artemis
Augustin Dupré, (1795-1803
Muntmeesterreken:
Louis-Théophile-François Lepage ( 1796-1817 )
Muntteken: W
Slagplaats: Lille
Slagaantal: 9.510.009
Jaar 8 ( l’an 8 ) loopt van 23 september 1799 – 22 september 1800
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Martijn Aarts

Muntheer: Anoniem, Moezel, regio Metz.
Materiaal: zilver
Diameter: ? ca. 13 mm
Gewicht: ? ca. 1,0 gr
Voorzijde: In een gladde cirkel een vervormd ME monogram.
Keerzijde: In een gladde cirkel een D met erin een kruisje, erboven een afkortingsstreepje en links ervan een parel.
Datum: z.j. ca. 725-750 n.Chr.
Slagplaats: Metz
Andere vondsten onder meer in Metz, Commercy, Domburg… vele varianten.

Lit: Belfort 2963-2982; Prou 2791-2839; MEC.1/ 596var; Lafaurie 227var; Depeyrot Metz, monogram nr 1. p. 45.
Gedetermineerd door rimidi