Gevonden door Grot Marmot
Materiaal: koper
Diameter: 23 mm
Gewicht: 3,21 gr
Voorzijde: Een tulpkrans met daarin de tekst in drie regels: HOL LAN DIA
Keerzijde: De Hollandse maagd zittende in een gesloten tuin. Zij wijst met haar rechterhand naar een zonnige hemel als teken van het vertrouwen op de Heer. Tekst: .AVX. NOS. IN. NOM. DOM. (of variant). Voluit: auxilium nostrum in nomine Domini, wat betekent: onze hulp is in de naam des Heeren.

Datum: z.j. ca. 1590 – 1598
Muntmeester: Jacob Janszn. de Jonge ( 1580 – 1607 )
Muntteken: ❀
Slagplaats: Dordrecht

Deze munt wordt (bijna) overal beschreven als oord zonder jaar, geslagen ca. 1604. In het boekje van Mr. L.W.A. Besier worden er echter bij de 3e muntbus opening (1591-1599) van muntmeester Jacob Janszn. de Jonge zo’n 3.140.980 duiten vermeldt. Ook van Gelder beschreef deze munt al als duit en vermeldt dat er totaal ca. 5 miljoen stuks geslagen zijn. Omdat het gewicht in 1593 van officiële zijde is verlaagd komen er exemplaren voor die geslagen zijn van 1590 tot 1593 met een gewicht van ruim 4 gram. De latere exemplaren moesten 3,97 gram per stuk wegen. De duit is eigenlijk in drie emissies te verdelen. Een zware vroege emissie waarbij niet het muntteken rozet op het eind van de tekst is geplaatst welke is gevolgd door een tweede zware emissie waarbij wel het muntteken rozet na de tekst is geplaatst. De derde emissie tenslotte is die met het verlaagde gewicht.
In 1591 sloeg Gorinchem nog net voor de sluiting van haar munthuis een duit naar dit Hollandse voorbeeld. Deze duit heeft de tekst GORC IN HOLL binnen een tulpkrans. Holland moet toen dus al deze duit geslagen hebben met de tekst HOLLAND in een tulpkrans. De oudere koperen oorden hebben namelijk de zittende maagd op de ene en een wapenschild op de andere zijde als beeldenaar. De oude duit had een wapenschild en een tuin met scheef kruis er in als beeldenaar. Het lijkt mij niet logisch dat Holland het type van Gorinchem is gaan imiteren, vooral omdat zij sterk tegen deze hagemunt gekant was. In het begin van de jaren 90 van de 16e eeuw begonnen overigens meerdere munthuizen het type ’tekst in bloemkrans’ te slaan. Het is nu wel overduidelijk geworden dat deze munt geen oord uit ca. 1604 is maar een duit uit de periode 1590-1598 die vervolgens door de andere munthuizen is geïmiteerd. Sporadisch kan dit type duit voorkomen met de klop Meurs (Duitsland), zie hier een afbeelding. Recent is een duit gevonden welke is voorzien van een klop in de vorm van een kruis en eentje waar deze klop vele malen is ingeslagen. Deze klop was voorheen alleen op Friese oorden bekend.
Recent is een vals duitje gevonden welke slechts 1,4 gram weegt. Een jaartal is niet te zien maar het zal waarschijnlijk een vervalsing zijn van dit zeer algemene type Hollandse duit zonder jaartal.
Wettelijk voorschrift: resolutie van de Staten van Holland van 19 maart 1590. Gedurende de periode 1590-1598 werd er steeds opnieuw toestemming gegeven om een bepaald aantal aan te munten. Van 1590 tot 1593 was het aantal stuks uit een mark bepaald op 58 (is ca. 4,24 gram). In de loop van 1593 werd dit gewijzigd naar 62 stuks uit een mark wat een nieuw gewicht opleverde van 3,969 gram per stuk.
HOL.5
Gedetermineerd door Grot Marmot