Gevonden door Nico Dewaele

Materiaal: koper
Afmetingen: 40 mm / 40 mm
Gewicht: 11,10 gr
Gedetermineerd op facebook
©Metaaldetectie Vlaanderen vzw – Metal Detection Flanders – Détection de métaux Flandre
Database van Metaaldetectie Vlaanderen vzw. Elk stukje metaal heeft een verhaal.
Gevonden door Nico Dewaele

Materiaal: koper
Afmetingen: 40 mm / 40 mm
Gewicht: 11,10 gr
Gedetermineerd op facebook
Gevonden door Kristof Bruyndonckx
Materiaal: zilver
Diameter: 20 mm
Gewicht: 1,5 gr
Voorzijde: Kort gevoet kruis. Tekst: ✠ CARLVS REX FR
Keerzijde: Karolusmonogram in het veld. Tekst tussen twee parelcirkels: ✠ MET ✠ VLLO
Datum: z.j. vanaf ca. 864 tot begin tiende eeuw
Slagplaats: Melle, Frankrijk
Lit: S Coupland, JKNGMP 2015, p 61/96
Gedetermineerd door rimidi
Gevonden door Kristof Bruyndonckx
Materiaal: koperlegering, ca. 0,0492 zilver
Diameter: 22 mm
Gewicht: 2,05 gr
Voorzijde: Gekroond Frans wapenschild met aan weerszijden een L. Tekst: ✠ LVDOVICVS . XIII . D G . FRA . ET. NA . RE . H.
Keerzijde: Een kort gevorkt kruis met in de kwartieren telkens een kroontje. Tekst: SIT . NOMEN . DNI. BENEDICTM (sic) 1626
Datum: 1626
Slagplaats: Marans of La Rochelle ( beiden muntteken H )
Lit: Jean Duplessy 1342; Ciani 1706; Lafaurie, BSFN 1974, 582-584; Droulers 69-70.
Gedetermineerd door rimidi
Gevonden door Kristof Bruyndonckx
Materiaal: zilver
Diameter: 18 mm
Gewicht: 0,9 gr
Voorzijde: In een parelcirkel een monogram met de letters HME, tussen de benen van de M een kruisje, de “H” is liggend.
Keerzijde: In een parelcirkel de letters RACIO of variant
Datum: z.j. ca. 730-750
Slagplaats: omgeving Melle
Lit: Prou 2841; Belfort 2986.
Gedetermineerd door rimidi
Gevonden door Peter Peeters
Materiaal: brons
Diameter: 29 mm
Gewicht: 10,7 gr
Voorzijde: Gelauwerd hoofd naar rechts. Tekst: NERO CLAVD CAESAR AVG GER PM TR P IMP PP
Keerzijde: Altaar achter versierde dubbele deuren. Boven de deuren een bovenstuk met beeldjes. Tekst: in het veld S C, in de afsnede: ARA PACIS
Slagplaats: Lyon
Lit: RIC 460; WCN 571
Gedetermineerd op facebook
Nero, geboren in Antium op15 december 37 was de vijfde Romeinse keizer, van 13 oktober 54 tot 9 juni 68. Nero was de zoon van Gnaeus Domitius Ahenobarbus en Agrippina de jongere en via haar verwant aan Gaius Julius Caesar Octavianus (Augustus). Hij beriep zich erop een bet-achterkleinzoon van keizer Augustus te zijn. Zijn oorspronkelijke naam was Lucius Domitius Ahenobarbus. Bij zijn adoptie door keizer Claudius veranderde zijn naam in Nero Claudius Caesar Drusus Germanicus. Toen hij keizer werd, werd zijn officiële naam Nero Claudius Caesar Augustus Germanicus en vanaf 66 Imperator Nero Claudius Caesar Augustus Germanicus. Het goede en milde beleid dat Nero gedurende de eerste vijf jaren mede onder invloed van zijn opvoeder Seneca en de praefectus praetorio Afranius Burrus in de trant van Augustus en met inachtneming van de rechten van de senaat voerde, deed reeds spreken van een gouden tijd. Met naar het schijnt oprechte overgave wijdde de keizer zich intussen aan de muziek, dicht-, schilder- en bouwkunst. Op aansporen van Otho trachtte Nero zich echter al spoedig aan de invloed van zijn heerszuchtige moeder te onttrekken. De mogelijke troonpredendent Britannicus werd in 55, Agrippina zelf in 59 omgebracht. De dood van Burrus (62), het ontslag van Seneca en de scheiding van Octavia bevrijdden hem van andere knellende banden. Otho’s vroegere vrouw Poppaea Sabina nam weldra als nieuwe echtgenote de plaats van zijn geliefde Acte in. Intussen echter wonnen Burrus’opvolgers Ofonius Tigellinus en Faenius Rufus aan invloed. Het optreden van Nero als wagenmenner en citerzanger, eerst in besloten kring, waar hij door vleiers als Apollo werd bejubeld, daarna in het openbaar in Napels en Rome, kwetste in hoge mate de gevoelens van de Romeinen. Zijn buitensporige gedrag en ijdelheid vergrootten zijn impopulariteit. Hebzuchtige en brutale helpers van lage afkomst omgaven de keizer, wiens kostbare oorlogen in Britannië (61) en Armenië tot geldontwaarding en plundering van de welgestelden leidden, waartoe de opnieuw van kracht verklaarde lex maiestatis de mogelijkheid schiep (62). De stichting van de Iuvenalia-spelen (59), gevolgd door de Neronia (61), en de stichting van een gymnasium in Rome konden de ernst van de situatie niet verhelen. De catastrofale brand van Rome (juli 64), die leidde tot de eerste systematische christenvervolging en gevolgd werd door een wederopbouw en de aanleg van de kolossale Domus Aurea, deed nog verder afbreuk aan de naam van de keizer: de volksmond wees zijn persoon zelfs aan als brandstichter. Ieder haatte of vreesde de achterdochtig geworden vorst. De hieruit voortvloeiende samenzwering om Nero te vermoorden en Caius Calpurnius Piso tot keizer tot keizer uit te roepen (65) werd echter verraden. Tot de velen die de dood in werden gedreven, behoorden Seneca, Lucanus, Petronius en Thrasea Paetus. In het jaar 66, waarin Nero na Poppaea’s dood Statilia Messalina huwde, de Armeense kroon te Rome aan Tiridates schonk en Vespasianus naar het opstandige Judaea werd gestuurd, besloot de keizer een reis naar Griekenland te maken. Zijn toernee daar leverde hem 1808 zegekransen, veel jubel en kunstwerken op. De provincie Achaea werd beloond met belastingvrijdom en volledige vrijheid. Ook werd begonnen met het graven van het kanaal van Corinthe. Veel kwaad bloed zette intussen de gedwongen zelfmoord van generaal Corbulo en een van de beide Scribonii, stadhouders in Germania. Het door hongersnood nog aangewakkerde verzet noopte Nero tot terugkeer naar Rome, waar in januari 68 aankwam. Toen waas het echter al te laat. In Gallia stond de gouverneur Caius Iulius Vindex op, in Spanje Galba en in Africa Clodius Macer. Toen de praetorianen zich daarop aan de zijde van Galba schaarden en de senaat Nero to staatsvijand verklaarde, vluchtte deze naar een villa buiten de stad. Toen men hem kwam arresteren dreef hij na lang aarzelen een dolk in zijn keel, onder het spreken van de woorden Qualis artifex pereo (Welk een kunstenaar sterft er met mij…). Waarschijnlijk was de steek niet dodelijk en heeft Epaphroditus, een vrijgelatene van Nero en een van de weinigen die hem tot het einde toe trouw waren gebleven, hem uiteindelijk de fatale steek toegediend. Hij liet het Rijk bankroet en in totale chaos achter. De senaat vervloekte zijn nagedachtenis met de damnatio memoriae.
Gevonden door Mike Creemers
Materiaal: zilver 835 / 1000
Diameter: 18 mm
Gewicht: 2,5 gram
Voorzijde: Gelauwerd hoofd naar links. Tekst: NAPOLEON III EMPEREUR BARRE
Keerzijde: In het veld een kroon. Tekst: EMPIRE FRANÇAIS 50 CENT. 1866 BB
Ontwerper: Albert Désiré Barre
Algemeen graveur Parijs:
Désiré-Albert Barre, (1855-1878)
Muntmeesterteken Straatsburg:
Henri Delbecque, Strasbourg (1860-1870), Bordeaux (1870-1878)
Muntteken: BB
Muntplaats: Straatsburg
Slagaantal: 5.255.960
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Mark Volleberg
Materiaal: zilver
Diameter:
Gewicht: Gelauwerd hoofd naar rechts. Tekst: TI CAESAR DIVI AVG AVGVSTVS
Keerzijde: Livia als Pax, zittend naar rechts op een troon met versierde poten, in de rechterhand een scepter en in haar linkerhand een olijftak. Tekst: PONTIF MAXIM
Slagplaats: Lyon
Lit: RIC 30, RSC 16a, BMC 48
Gedetermineerd op facebook
Tiberius Claudius Nero werd geboren op 16 november 42 v.Chr. als zoon van zijn gelijknamige vader Tiberius Claudius Nero en Livia Drusilla op de Palatijn. Toen hij twee jaar oud was, moest Tiberius samen met zijn moeder en vader vluchten voor de triumviri (driemannen) van het Tweede Triumviraat. Toen Tiberius Claudius Nero met zijn zwangere vrouw terugkeerde naar Rome na de afkondiging van amnestie door de triumviri, werden hij en zijn vrouw uitgenodigd op een diner waar ook Octavianus (de latere princeps Augustus) aanwezig zou zijn. Getroffen door Livia’s schoonheid bracht hij Tiberius ertoe te scheiden van zijn vrouw – terwijl hijzelf van zijn eigen vrouw scheidde, die net hun dochter Julia ter wereld had gebracht – en huwde Livia in 38 v.Chr.. Hij kreeg de macht nadat Augustus was gestorven. Hij hield machtslijnen aan die iets minder geliefd waren bij de bevolking maar zijn regering was wel effectief. Hij had door zijn autoritaire optreden last van een Republikeinse oppositie die hem nauwlettend in de gaten hield. Over de dood van Tiberius op 16 maart 37 n.Chr. zijn wat twijfels. Het eerste verhaal is dat hij vermoord is door Marco die commandant was van zijn Pretoriaanse garde die hem doormiddel van een kussen in het gezicht heeft laten stikken. Het andere verhaal is dat hij aan een natuurlijke dood gestorven is. In het jaar 37 volgde Caligula keizer Tiberius op. Hij stond bekend als een sombere man.
Gevonden door Marco Sanders
Materiaal: koper
Diameter: 16 mm
Gewicht: 1,992 gr
Voorzijde: Gekroonde monogram van Willem I met aan beide zijden het jaartal: 18 / 21
Keerzijde: Gekroond Nederlands wapen tussen ½ / C.
Muntmeesterteken: palmtak ( G.D. Bourgogne Herlaer 1821 – 1830 )
Muntteken: B
Slagplaats: Brussel
Slagaantal: 260.146
Gedetermineerd door Marco Sanders
Gevonden door Filip Behiels
Materiaal: zilver 873 / 1000
Diameter:
Gewicht:
Voorzijde: Geharnaste ridder met geschouderd zwaard in de rechterhand en met de linker het provinciewapen voor zich staande houdend. Tekst: ♜ MON·NO·ARG·PRO·CONFŒ·BELG·COM·ZEL·
Keerzijde: Gekroond en met bloemornamenten versierd generaliteitswapen, jaartal 1762 boven de kroon. Tekst: CONCORDIA RES PARVÆ CRESCUNT·
Muntmeester: Martinus Holtzhey ( 1752 – 1764 )
Muntteken: ♜
Slagplaats: Middelburg
Lit: Purmer Ze 53; V 87.3; D 1008a
Gedetermineerd door Eric Aerts