Gevonde door Edd
Materiaal: brons
Lengte: 50,61 mm
Gewicht: 7,20 gr
Gedetermineerd door Sandra Nooren
©Metaaldetectie Vlaanderen vzw – Metal Detection Flanders – Détection de métaux Flandre
Database van Metaaldetectie Vlaanderen vzw. Elk stukje metaal heeft een verhaal.
Gevonden door Hennie van Esch
Muntheer: Ferdinand van Beieren, prinsbisschop van Luik, prins-abt van het abdijvorstendom Stavelot – Malmedy, 1613 – 1650
Materiaal: koper
Diameter: 22 mm
Gewicht: 2,6 gr
Voorzijde: Met electoraal bonnet getooid gevierendeelde wapenschild van Beieren (ruiten) – Pfalz (leeuwtjes) met als hartschild dat van Stavelot ( de “gezegende” wolf met draagmanden vol stenen en een boom), gelegen op een gekanteld kruis gevormd door een gekruiste kromstaf en een zwaard. Tekst bovenaan onderbroken door bonnet, zwaard en kromstaf: FERDI . D . G . ELEC . COL . PRI . STA wat betekent: Ferdinand, bij Gods gratie gekozen bisschop van Keulen, prins van Stavelot.

Wapens van Beieren-Palts en Stavelot
Keerzijde: Een medusahoofd (het muntteken voor het kasteel van Logne) getooid met het electoraal bonnet tussen de letters F / B (Ferdinand van Beieren). Tekst bovenaan onderbroken door bonnet: EPISCO . LEO . MAR . FRANC . COM . LONG . wat betekent: bisschop van Luik, Markies van Franchimont, graaf van Logne.
Datum: z.j. na april 1643
Slagplaats: Louveigné

STA.3
Lit: Dengis Stavelot-Malmedy 45B
Gedetermineerd door Marco Sanders
Gevonden door Hennie van Esch
Materiaal: koper
Diameter: 22 mm
Gewicht: 2,4 gr
Voorzijde: Een zgn. rococostijl versiering met daarin de tekst in drie regels: .D. GEL RIÆ Voluit: ducatus Gelriæ, en betekent: hertogdom Gelderland. Daaronder 1758 en het muntmeesterteken: afgeknotte boom.
Keerzijde: Gekroond wapen van Gelderland. Tekst: IN DEO. EST. SPES NOSTRA (of variant) wat betekent: onze hoop is in de Heer.

Wapen van Gelderland
Muntmeesterteken: boom
Muntmeester: Carel Christiaan Novisadi 1758 – 1776
Vanaf dit type is aan de spreuk op de keerzijde het woordje EST toegevoegd. Recentelijk is er echter een (gecorrodeerd) exemplaar bekend geworden zonder het woordje EST.32 Helaas is niet het jaartal genoemd bij dit exemplaar maar het kan zijn dat het een vroeg stempel van het jaartal 1758 betreft. De duiten van het vorige type hadden nog niet het woordje EST in het opschrift waardoor de stempelsnijder, nog niet geheel vertrouwd met de nieuwe tekst, het woordje EST op enkele vroege stempels heeft weggelaten. Vanwege de slechte staat en afwerking wordt door het KPK ook de optie open gehouden dat het een vals exemplaar betreft. Muntmeester Novisadi heeft waarschijnlijk veel heil gezien in het aanmunten van duiten. Gedurende 11 jaren achtereen munt hij ze aan. Waarschijnlijk mede door het overschot aan duiten wat hierdoor is ontstaan vaardigden de Staten van Gelderland op 19 december 1769 en 18 oktober 1770 enkele plakkaten uit33. Hierin werd het verboden om duiten in te voeren boven een bedrag van 6 stuivers (48 stuks). In het plakkaat van 1770 worden tevens alleen de Gelderse duiten voor gangbaar verklaard. Nawegen van enkele duiten uit de periode 1758-1768 leverde gewichten op tussen de 2,6 en 3,0 gram. Maar één exemplaar (1768) had een gewicht van 3,2 gram. Het jaartal 1765 is bekend met een onbekende klop I en een ander exemplaar uit deze serie met de klop WH. Een interessante duit is DIT exemplaar uit waarschijnlijk 1761. Op de ene zijde is een klop rad of rozet ingeslagen en de andere zijde is zo bewerkt dat er een gezicht te zien is. Het gezicht lijkt op die uit pompoenen gesneden wordt om er een zogenaamde Jack-o-lantern van te maken. Het verhaal gaat dat ene Jack de duivel wist te overtuigen om zich in een geldstuk te veranderen waarna hij de duivel in dit geldstuk gevangen hield door hem op te bergen naast een crucifix. Misschien dat iemand met deze duit symbolisch de duivel gevangen hield op dezelfde wijze.
GEL.147
Gedetermineerd door Marco Sanders
Gevonden door Filip Behiels
Materiaal: koper
Diameter: 25 mm
Gewicht: 2,99 gr
Voorzijde: Borstbeeld van Philips IV zonder kroon naar rechts. Tekst: 1639·PHIL·IIII·D·G·REX· HISP·
Keerzijde: Gekroonde provinciaal Artesisch wapenschild (2) . Tekst: ARCH·AVS·DVX·BVRG·CO·ART·Zc.

Provinciaal Artesisch wapen met Franse lelies.
Muntmeester: Arthur Emonts ( 1634 – 1640 )
Muntteken: rat
Slagplaats: Arras
Voorschrift 64 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 3,84 gram per stuk. Over de geslagen aantallen is niets bekend.
ART.8
Lit: Vanhoudt new 655 – Arras
Gedetermineerd door Robbe De Bruyn
Gevonden door Dirk Schoevaerts



Materiaal: koperlegering
Hoogte: 47,4 mm
Diameter: 39,2 mm
Gewicht: 72,63 gr
Postmiddeleeuwse crotal bells kunnen eenvoudig of versierd zijn, en decoratie kan zowel op de bovenste als de onderste helft zijn aangebracht, of alleen op de onderste helft. Wanneer beide helften versierd zijn, kunnen de ontwerpen vergelijkbaar of verschillend zijn.
Bellen die op deze manier zijn gemaakt, zijn gemakkelijk te herkennen aan de twee ‘klankgaten’ in de bovenste helft van het lichaam. Deze zijn in feite primair bedoeld om de positionering van de kern te vergemakkelijken, in plaats van voor de overdracht van het geluid.
Met makersstempel en versieringen op beide helften
Gedetermineerd op facebook
Gevonden door Mario Raeymaekers

Materiaal: koperlegering
Afmetingen: 8 mm / 48 mm
Gewicht: 2,50 gr
Gedetermineerd door Eric Aerts
Gevonden door Hennie van Esch
Materiaal: koper
Diameter: 18 mm
Gewicht: 1,5 gr
Voorzijde: Een vierpas versiering met daarin TRAREC (of variant), soms met jaartal. Variant met een grote omega binnen de vierpas.
Keerzijde: Gekroond wapenschild volgens het nieuwe model van Utrecht met de twee leeuwen aan weerszijden van het wapen. Op sommige typen komt de tekst VVTREH voor onder het wapen. Dit betekent: “uut Reckheim” – uit Reckheim.

1. Gouden kruis op rood van Lynden
2. Een rode leeuw op goud van Reckheim ( naar links )
3. Zilveren adelaar op blauw van Aspremont ( Este )
Datum: z.j. ca. 1681 – 1683
Muntmeester: niet bekend
Slagplaats: Reckheim
De voorkomende tekstvariant: TRARE(C)(VM) kan worden uitgelegd als: Trans Mosa Reckum. Dit betekent dan: over de Maas (te) Rekem.
In deze opzet lijkt de tekst veel TRA IEC TVM. De overige tekstvarianten die voorkomen worden wel als volgt verklaard: RARECVS Romanorum Aspremontis Reckheim Cusa (geslagen in het rooms Duitse Rekem van d’Aspremont). FRARFG François Reckheim Ferdinand Gobert (François en Ferdinand Gobert van Rekem). Het jaartal 1693 wordt vermeld bij Lucas maar is mogelijk een verkeerd gelezen 1683?
REC.36
Gedetermineerd door Marco Sanders
Gevonden door Filip Behiels
Materiaal: koper
Diameter: 26 mm
Gewicht: 4,93 gr
Voorzijde: Gekroond borstbeeld van Philips II naar links. Tekst: PHS · D:G · HIS · Z · REX · D · TORN · (of variant). Onder het borstbeeld staat het jaartal welke gesplitst is door een toren. Voluit: Philippus Dei gratia Hispaniarum z rex Dominus Tornesis, wat betekent: Philips, bij Gods gratie koning van Spanje en heer van Doornik.
Keerzijde: Gekroond Bourgondisch wapenschild met meerdere kwartieren. Tekst: DOMINVS · MIHI · ADIVTOR · (of variant). Wat betekent: de Heer is mijn helper.

1 = Wapen van Oostenrijk (Zilveren faas).
2 = Wapen van Valois (3 lelies).
3 = Wapen van Bourgondië (3 schuine balken in blauw en goud).
4 = Wapen van Brabant (Gouden leeuw).
5 = Wapen van Vlaanderen (Zwarte leeuw).
Muntmeester: Jacques de Surhon 1582 – 1609
Muntteken: ♜
Slagplaats: Doornik
Deze oorden werden geslagen met een gewicht van ca. 5,44 gram (45 uit een mark).
DOO.6
Gedetermineerd door Eric Aerts en rimidi voor de slagplaats
Gevonden door Hennie van Esch
Materiaal: brons
Diameter: 23 mm
Gewicht: 3,9 gr
Voorzijde: Rijstaar rond de centrale opening met daaronder staat 1 C-t. Tekst: NEDERLANDSCH INDIE 1945 P
Keerzijde: Onder de centrale opening versiering van bloemen met daarboven de Maleise tekst: saperatoes roepijah en de Javaanse tekst: sa-pårå-satoes-roepijàh.
Muntmeesterteken: palmboom
Muntteken: P
Slagplaats: Philadelphia
Slagaantal: 335.000.000
Gedetermineerd door Marco Sanders
Gevonden door Filip Behiels
Materiaal: koper
Diameter: 20,8 mm
Gewicht: 1,52 gr
Voorzijde: Gekroond wapenschild met meerdere kwartieren. Tekst:
ALBERTVS. ET. ELISABET. D:G. (of variant). Voluit: Albertus et Elisabeth Dei gratia wat betekent: Albertus en Elisabeth, bij Gods gratie (de tekst gaat op de keerzijde verder).

1 = Oostenrijk (in rood een zilveren dwarsbalk).
2 = Bourgondië (geschuinbalkt van goud en blauw, rood omzoomd).
3 = Wapen van Brabant (in zwart een gouden leeuw, rood getongd).
Keerzijde: Schuin geplaatst stokkenkruis welke door een vuurijzer is heen gestoken. Aan het vuurijzer hangt de keten van de orde van het gulden vlies. Tekst:
ARCHID. AVST. DVC. BVRG. ET. B (of variant). Voluit: Archiduces Austria duces Burgundie et Brabant wat betekent: aartshertogen van Oostenrijk en hertogen van Bourgondië en Brabant.
Muntmeester: Dominique Wouters ( 1607 – 1619 )
Muntteken: ![]()
Slagplaats: Antwerpen
Geslagen aantallen: – Periode 7 september 1607 tot 4 september 1609 ca. 1.394.790 stuks.
– Periode 1 april 1615 tot 11 april 1616 ca. 3.777.776 stuks.
– Periode 11 april 1616 tot 31 maart 1617 ca. 252.864 stuks.
Geslagen volgens de nieuwe muntvoet die sinds 1606 gold. Voorschrift 128 stuks uit een mark, dit geeft een gewicht van ca. 1,92 gram per stuk.
ANT.11
Lit: Vanhoudt new 593·AN
Gedetermineerd door Eric Aerts